FIRST CONTACT
FIRST CONTACT
First contact was de titel van het boek. Het eerste contact. Een ontmoeting maar van wie met wie vroeg ik me af? De schrijver van het boek bleek een antropoloog te zijn. Hij schreef zijn boek in een tijd dat er nog nieuwe stammen ontdekt konden worden. Ver weg in de oerwouden van de Amazone, Afrika of die van Irian Jaya. Daar stond hij plotsklaps op Irian Jaya oog in oog met een zwaar bewapende Papoea. Oog in oog met een lid van een stam die nog in het stenen tijdperk leefde en geen enkele weet had dat zoiets als een westerse beschaving bestond. Wat mij vooral van dit boek is bijgebleven is de zelfverzekerdheid waarmee de Papoea krijger de schrijver tegemoet trad. Overtuigd als hij was van zijn superieure bewapening. Hij beschikte over speren, pijlen en boog, terwijl de man tegenover hem geen vergelijkbare wapens bij zich had. Er viel niets te vrezen en het contact werd gelegd. Het eerste contact ooit tussen deze twee beschavingen.
Sindsdien ben ik mij blijven interesseren voor dit type ontmoetingen. Wat gebeurt er als twee onbekende beschavingen elkaar ontmoeten?

Op Paaszondag 6 april 1722 stapte Jacob Roggeveen aan land op Rapa Nui, Paaseiland, het meest geïsoleerde eiland op de wereldbol. Op ruim 3500 kilometer van het dichtstbijzijnde land trof hij op 117 vierkante kilometer [Terschelling is met 115 km² net iets kleiner] enkele duizenden mensen aan. Roggeveen en zijn bemanning werden gastvrij door de inheemse bewoners onthaald. Zij bleven echter maar kort, bewonderden de Moai’s, de enorme stenen beelden, en kozen het wijde sop.
Op 13 december 1642 ontdekte Abel Janszoon Tasman uit Lutjegast bij Groningen Nieuw Zeeland. De Maori’s [Once were warriors!] dansten hun oorlogsdans de haka [Ka mate! Ka mate! Ka ora! Ka ora! I die! I die! I live! I live!], vervloekten zijn komst en die van alle anderen die na hem kwamen maar dolven uiteindelijk het onderspit.
Kapitein Willem Janszoon van Het Duyfken trof in 1606 aan de noordkust van Australië Aborigines aan die hem negen opvarenden kostten. Hij liet nog wel een platgeslagen stuk blik achter waarop hij kond deed van zijn komst en voer weg. Een eeuw later bereikte een ander Hollands schip toevallig dezelfde plek. Een bemanningslid vond het stuk blik en nam het mee terug naar Amsterdam waar men het in het Rijksmuseum kan bewonderen. Het oudste Europese object ooit dat Australië bereikte.
En op 5 april 2063 zal een ruimteschip van de Vulcans een warp-signaal opvangen van de planeet Aarde en zal er voor het eerst met een buitenaardse beschaving contact gelegd worden. Jaren van voorspoed breken dan aan. Nog veel later, in het jaar 2365 volgt de eerste ontmoeting met de Borg, een ras van cyborgs. De film First Contact maakt duidelijk dat een ontmoeting met de Borg [Resistance is futile!] niet van gevaar ontbloot is. De Borg heeft zo zijn eigen ideeën over hetgeen er met de aarde moet gebeuren [Your culture will adapt to service us!]. Gelukkig beschikken wij dan echter over kapitein Jean-Luc Picard en de bemanning van de USS Enterprise-E.

Genoeg over vreemde onbekende beschavingen. Antropologen zijn allang gestopt met het zoeken naar nog niet ontdekte stammen op andere continenten. Ze bestuderen in hun onmiddellijke omgeving allerlei stammen. In het Denksportcentrum in De Leyens, Zoetermeer, kunnen ze hun hart ophalen. De stammen die daar bijeenkomen en zich overgeven aan allerlei opmerkelijke rituelen bieden meer dan genoeg materiaal om enkele proefschriften mee te vullen.
Neem de schakers. Iedere dinsdagavond zoeken ze elkaar op om elkaar met gestileerde wapenen te bestrijden. Klip en klaar betreft dit een sublimatie van oerinstincten. Als amateur antropoloog gaf het hoofd van de interne dienst van AKZO Nobel er tijdens zijn toespraak bij de opening van de finale van het bedrijfsschaak blijk van dat hij een open oog heeft voor onze gebruiken. Hij sprak over hinderlagen die worden gelegd, paarden die men in de strijd werpt, torens die worden bestormd, onverlaten die dames belagen en gevallen strijders die in kistjes worden gestopt. [Ka mate! Ka mate!].
Het Nederlands kampioenschap voor bedrijven begon dit jaar op zaterdag 4 oktober om tien uur ’s morgens in Sassenheim. Tien teams van vier personen, 39 mannen en een vrouw om precies te zijn, speelden om de titel. Bij AEGON deed John Tan mee en bij SHELL speelde onze onvolprezen Manuel Nepveu. Willem Broekman en ik verdedigden de kleuren van PTT Telecom. KPN had het team van KPN Research afgevaardigd. De kampioen van vorig jaar. Met Mark van der Werf en Teun van der Vorm in hun gelederen waren zij de favorieten voor het kampioenschap.
Tijdens de eerste ronde speelden de sterke vijf tegen de zwakke vijf. Wij traden aan tegen AKZO Nobel. Als iets ons snel duidelijk werd was dat zij geen partij voor ons waren. De punten zouden ons als rijpe appelen in de schoot vallen. Maar zoals wel vaker gebeurt als een van de teams niets te verliezen heeft en dus voor niemand bang hoeft te zijn viel dit bitter tegen. Willem Broekman won inderdaad maar André Nieuwlaat en René in ’t Veld kwamen niet verder dan remise terwijl ik erin slaagde van verreweg de zwakste deelnemer van het toernooi te verliezen. Twee jaar geleden scoorde ik met vier uit vier qua rating gelijk aan die van Kasparov en nu dit dieptepunt. Het kan verkeren. De enige troost die ik ’s avonds had was dat Garry Kasparov in Tilburg op dezelfde dag van Peter Svidler verloor. Een ongeluk komt zelden alleen.
Gelukkig kreeg ik ’s middags een nieuwe kans om mij onsterfelijk te maken. Onze volgende tegenstander was SHELL. Ik trof Pim Ghijsen. Dezelfde tegenstander als twee jaar geleden. Toen speelden wij een wat bizarre partij.
J.W. Meijer (PTT Telecom) – P. Ghijsen (SHELL) [Sassenheim, 14 oktober 1995]
1.d2-d4 Pg8-f6 2. c2-c4 e7-e6 3. Pb1-c3 Lf8-b4 4. Dd1-c2 d7-d5 5. c4xd5 e6xd5 6. Lc1-g5 h7-h6 7. Lg5-h4 c7-c5 8. 0-0-0? Hier had ik beslist 8.dc5!? moeten spelen! Langzaam maar zeker begon het mij te dagen dat we op weg waren naar een bekende stelling. Achteraf bleken we de beroemde partij P. Keres – M.M. Botwinnik (Moskou, 1941) te volgen. De laatste zette voort met 8.Lc3! 9.Dc3 g5 10.Lg3 cd4 11.Dd4 Lf5 en won in 22 zetten. De situatie baarde mij dan ook enige zorgen. 8.g7-g5 9.Lh4-g3 c5xd4?! 10.Pc3-b5 Ik haalde opgelucht adem. 10.Pb8-c6? Ik verwachtte 10.Pa6!? waarna de situatie onduidelijk is. 11.Pb5-c7 Ke8-f8 12.Pc7xa8 Pf6-e4 13.f2-f3 Pe4xg3 14.h2xg3 Lb4-d6 15. e2-e3 d4xe3 De situatie was nog steeds verre van ongevaarlijk voor wit. Na 15.Pb4 Db3 16.Lf5 Td4 17.Dc8 Kd2 18.Pa2!? vonden we pas na enig zoeken 18.Pe2! en wit redt zich. 16.Dc2-c3 Ld6-e5 17.Dc3xe3 Dd8-f6 18.Td1xd5 Le5xb2 19.Kc1-b1 Lc8-e6 20.Pa8-c7! Wit staat nu totaal gewonnen. 20.Lb2-a1 21.Pc7xe6 f7xe6 22.De3-a3 Kf8-e8 23.Td5-d1 Th8-h7 24.Pg1-h3 La1-d4 25.Lf1-d3 Th7-c7 26.Ld3-e4 a7-a5 27.Td1-c1 Df6-e5 28.Th1-e1 De5xg3 29.Le4-g6 Ke8-d7 30. Da3-f8 Tc7-c8 31. Df8-f7 Zwart gaf op.
Hoe zou het mij deze keer, twee jaar na dato, vergaan was de vraag. Zeker na hetgeen mij eerder op de dag overkwam.
J.W. Meijer (PTT Telecom) – P. Ghijsen (SHELL) [Sassenheim, 4 oktober 1997]
1.d2-d4 Pg8-f6 2.c2-c4 e7-e6 3.Pb1-c3 Lf8-b4 4.Dd1-c2 d7-d5 5.Lc1-g5 5. c7-c5?!. Euwe geeft hier 5.dc4 6.Pf3 b5 met voordeel voor zwart. Ik was 6.e3 van plan. 6.d4xc5! 6.Pb8-c6 7.e2-e3 Lb4xc5 8.Pg1-f3 d5xc4 9.Lf1xc4 h7-h6 10.Ta1-d1 Dd8-e7 11.Lg5-h4 g7-g5 12.Lh4-g3 e6-e5 Na afloop vertelde Ghijsen dat hij op dit moment weinig vertrouwen in zijn stelling meer had. 13.Pc3-d5 Pf6xd5 14.Lc4xd5 Pc6-b4 15.Dc2-e4 Pb4xd5 16.Td1xd5 Lc5-b4 17.Ke1-e2 Lc8-e6 Op 17.f7-f6 had ik 18.Pf3xe5 Lc8-e6 19.Pe5-g6 klaarliggen. 18.Td5xe5 Lb4-d6 Zie diagram.
WyyyyyyyyX
xCaAaGaAcx
xbBaAfBaAx
xAaAeEaAbx
xaAaAiAbAx
xAaAaLaAax
xaAaAhJkAx
xHhAaMhHhx
xaAaAaAaIx
ZwwwwwwwwY
Tijdens de analyse merkte ik dat ik hier met 17.Da4 Kf8 18.Te4 voort had kunnen zetten. Een aardige variant is 17.Dd7 18.Te6! fe6 19.Dd7 Kd7 19.Td1 en wit wint. 19.Te5xe6 f7xe6 20.De4-g6 Ke8-f8 En nu miste ik een unieke kans. Na de briljante voortzetting 20.Pd4 Te8 21.Pf5!! of 21.Pe6!! kan zwart opgeven. En ook na 20.Pd4 Dd7 21.Td1! Te8 22.Pe6 Te6 23.Ld6 Dd6 24.Td6 Tg6 25.Tg6 kan zwart zich niet redden! 21.Ld6 Dd6 22.Df6 Kg8 23.Dg6 Kf8 24.Td1 Db6! Ik verwachtte 24.Da6 Td3 en wit houdt enige kansen. 25.Df6 Kg8 26.Dg6 en remise overeengekomen.
Jammer genoeg verloor PTT Telecom de stammenstrijd met SHELL. Willem Broekman dolf in zijn partij razendsnel het onderspit, terwijl René in ’t Veld en André Nieuwlaat [met dank aan Manuel Nepveu] er in slaagden hun bedenkelijke stellingen te redden. Volgende week hebben we dus nog twee ronden te gaan. Er is nog tijd om onze achterstand op de koplopers goed te maken. Twee keer 4-0 moet voldoende zijn. [Ka mate! Ka mate! Ka ora! Ka ora! Ka mate! Ka mate! Ka ora! Ka ora!…. Whiti te ra! Hi!! The Sun shines!!].
Hans Meijer.
FINAL CONTACT ?
Hans Meijer vroeg mij een vervolg te schrijven op zijn voorafgaande stukje, waarin hij de eerste helft van het NK Bedrijfsschaak 1997 van antropologisch commentaar voorzag. Bij deze doe ik dat.
Hans is dus een onverbeterlijke optimist en dat is eigenlijk wel een heel aandoenlijke eigenschap van hem. “Twee keer 4-0 moet voldoende zijn” (voor de titel van PTT Telecom) kraaide hij aan het eind van zijn stukje. Het liep geheel anders: PTT Telecom eindigde als een na laatste.
Mijn team (Shell) eindigde daarentegen als een na hoogste. In de match tegen KPN Research werd het 2-2, maar KPN was veel effectiever in het killen van de rest en werd kampioen.
Als je de deelnemers ziet die bij zo’n NK optreden voor hun bedrijf, kan het je niet ontgaan dat een term als ‘huursoldaten’ voor hen heel toepasselijk is. Het gaat om een ‘constante’ groep Knsb-spelers, met daarom heen wat anderen gedrapeerd. Voornamelijk oude bekenden. Degenen die in de Knsb-competitie gebroederlijk naast elkaar zitten hebben plotseling een heel andere affiliatie. In de wedstrijd PTT Telecom – Shell zaten Willem Broekman en Hans Meijer aan een heel andere kant van de tafel dan ondergetekende. In de wedstrijd Aegon – PTT Telecom zat Frank de Hoog tegenover clubgenoot Willem en naast John Tan.
Kortom, je ziet in deze wedstrijden vaak dezelfde poppetjes optreden, maar in andere combinaties. Dat heeft wel wat.
Op een keer na is Shell in de afgelopen anderhalve decade steeds op de finales aanwezig geweest. Shell als constante factor. Sinds 1987 ben ook ik steeds aanwezig geweest en ik heb bloeiende ‘schaakbedrijven’ zien komen en gaan. WVC met Hoorweg en Bij de Vaate, ING-bank, IBM, ABN/AMRO, RU Groningen met veel mij bekenden, RU Utrecht met enkelen mij bekenden.
Zoals de krokodil steeds hetzelfde plekje in de zon opzoekt, zo probeert de mens te herhalen wat hem eens beviel. Na afloop van de tweede wedstrijd-dag werd er door de Shell-spelers altijd gezamenlijk gegeten. Meer gedineerd eigenlijk.
Het team bestond altijd uit dezelfde vier, vijf spelers gedurende de laatste tien jaren, een vriendenclubje ongeveer. En altijd ook werd er naar de hoogste eer gedongen en altijd waren het ook nog eens dezelfde tegenstanders (oude bekenden van WVC, KPN) die de voet dwarszetten. Soms met succes, soms gelukkig ook niet.
Geheel ontbloot van nostalgie zijn de voorgaande regels niet, zoals de lezer zal hebben opgemerkt. ‘Nepveu wordt oud’ denkt hij wellicht gnuivend en hij wrijft zich vergenoegd in zijn handen, want de aftakeling van De Gesel der Onderbonders te mogen meemaken doet goed.
Helaas voor hem, het zit ietsje anders.
De in de pers indertijd breed uitgemeten reorganisaties bij Shell hebben zo hun consequenties. Het is dientengevolge uiterst onzeker of ik volgend jaar de rood-gele kleuren nog zal verdedigen. Sterker nog, het is zelfs onzeker of volgend jaar de rood-gele kleuren überhaupt nog verdedigd gaan worden. Vandaar de ‘kleur’ van dit stuk. Vandaar ook de titel.
Final Contact ?
MN
