Bovenstaande uitdrukking is U allen bekend. Wie geld bezit, krijgt nog meer van het aardse slijk en wie mooie baantjes heeft, krijgt er nog meer in de schoot geworpen.
Er is echter ook een meer geestelijke uitleg van het gezegde mogelijk, die ikzelf veel interessanter vind. De schrijver Jan Wolkers is zeker een blijvertje in de Nederlandse literatuurgeschiedenis, maar hij schildert en beeldhouwt ook op niveau. Hij is meervoudig begaafd. Hij is door de boven ten tonele gevoerde figuur rijkelijk bedeeld.
In mijn Shelltijd werd er een zesentwintigjarige mevrouw aangenomen die kans had gezien om in een vrij korte periode een studie theoretische natuurkunde te combineren met een studie viool aan het conservatorium.Vanuit het conservatorium was haar zelfs aangeraden om voor de “prix d’ excellence” op te gaan, maar ze besloot anders. Haar dubbele begaafdheid gaf haar de mogelijkheid om een keuze te maken.
Ook bij schakers zie je soms de dubbele begaafdheid. Lasker, Botwinnik en Euwe stonden ooit op het hoogste schaakpodium en wisten in de academische wereld ook het nodige te bereiken. Lasker bijvoorbeeld was een wiskundige, die als zodanig ook echt iets wezenlijks schijnt te hebben gepresteerd. (Hij had ook nog eens uitvindersaspiraties, maar hoe reëel die waren weet ik niet.) Euwe werd in de jaren zestig een van de eerste hoogleraren in de informatica in Nederland.
En we kunnen nog even doorgaan. Taimanov was “ook” concertpianist, Smyslov was “ook” zanger. De Noorse grootmeester Agdestein had het “ook” in zich om als profvoetballer te kunnen acteren. De kunstenaar Marcel Duchamp was als schaker ruim goed genoeg om in de olympiades voor Frankrijk uit te komen en om samen met de eindspelkenner Halberstadt een boek over oppositie en toegevoegde velden te schrijven. Ook in al deze gevallen lijkt de duivel op een hoop te hebben gescheten.
Maar zoals een ander gezegde beweert: niets is geheel waar (en misschien zelfs dat niet).
De duivel wil wel eens minder vrijgevig zijn: soms bevatten zijn bijzondere uitwerpselen nu juist niet de voedzame ingrediënten die ieder plantje nodig heeft om goed te kunnen groeien.
De logicus Kurt Gödel (1906-78) is zo niet de grootste, dan toch de bekendste van alle logici. Hij verhongerde in een goedgeoutilleerd ziekenhuis in de Verenigde Staten omdat hij geen voedsel wilde accepteren. Hij dacht dat de heren doktoren hem wilden vergiftigen. Het is behoorlijk onbegrijpelijk dat iemand die een zo goed verstand heeft bepaalde tamelijk voor de handliggende aspecten van de wereld zo totaal verkeerd kan taxeren. Waar komt die achtervolgingswaan nu toch vandaan?
U denkt op dit moment bijna zeker aan “onze” Fischer. Misschien denkt U zelfs wel aan Kasparov. Vooral de eerste lijkt “übergeschnappt”, maar ook de tweede is op een bepaalde manier niet helemaal fris. En die andere Amerikaan, die uit de negentiende eeuw, de verbazingwekkende Morphy, lijkt ook niet alleen maar voortreffelijke mest gekregen te hebben van de duivel. De beide Amerikanen hebben hun leven duidelijk een onwenselijke kant op zien gaan waardoor zij in overdrachtelijke zin kreupel werden, Kasparov is afwachten…
Maar wat moet U nou met deze hele kwestie? Als U niet behoort tot degenen die door de duivel grotelijks bemest zijn, als U graag goed had willen kunnen schaken, dan kunt U wellicht op geheel en al onfatsoenlijke wijze troost ontlenen aan een Oudhollands gezegde:
Als een hardloper een been breekt, is het feest bij de kruipers.
