Hillegersberg-Promotie 2: een overwinning… en toch ellende

Hillegersberg-Promotie 2: een overwinning… en toch ellende

Hillegersberg-Promotie 2: een overwinning… en toch ellende    

 

Op de negentiende maart om kwart over twaalf was iedereen bij de Olympus. In twee auto’s werd de overzichtelijke afstand naar het clublokaal van de Hillegersbergers overbrugd.

Aardig detail: Willem Broekman, groot kenner van Rotterdam, wilde rechtdoor op een grote laan in de wijk Hillegersberg, zag zijn doortocht versperd door een hek met een groot rond bord er op en besloot dat dit hek opzij moest. Hans Meijer, behulpzaam als altijd, sprong uit de auto, verwijderde het lastige opstakel en minuten later waren we ter bestemder plekke. Zo gaat dat. Resoluut optreden heet dat. De verkeersregels aan je laars lappen heet dat.

 

Er werd gespeeld in een reumacentrum. Maar het was tegelijkertijd een bejaardenhuis. Multifunctioneel heet dat. Er waren lange gangen waar de oudjes rolstoelwedstrijden konden houden. Goed voor de moraal en goed voor het lichaam. Op het moment dat wij er kwamen waren alle rolstoelwedstrijden afgelast. Te gevaarlijk voor de schakers, zal de directie gedacht hebben.

Klokslag een begon de wedstrijd. Wat mij betreft Frans. De variant was me wel bekend.

Een uurtje en veertien zetten later kon ik opgeven. Een combinatie van oppervlakkigheid en een kortsluiting waar je een flatgebouw mee kunt platbranden was mij fataal geworden.

Ik greep mijn trui en colbert en zette het op een lopen, in het voorbijgaan enkele oudjes terzijde werpend. Gelukkig konden ze zich niet verweren: ze hadden reuma. Buiten zette ik het op een roken en liep naar het winkelcentrum. Patat! Maar in het winkelcentrum van deze sjieke wijk was helemaal geen patattent… In de broodjeszaak- the next best thing- kocht ik voldoende in voor een vreetfestijn. En terwijl ik op een bankje de puddingbroodjes naar binnen gooide dacht ik aan de schitterende Engelse doodstraf die aangeduid wordt als hanged- drawn-and-quartered. Tijdens deze strafoefening werd het slachtoffer naar de plaats van handeling gesleept (drawn). Daarna werd hij enige minuten opgehangen (hanged) maar levend neergelaten, waarna er hier en daar wat af- en opengesneden werd (quartered). Doorgaans gingen de testikels als eerste aan het mes. Ik dacht erover hoe het zou zijn om dit te moeten ondergaan en toevallige passanten zouden een vredige glimlach om mijn lippen hebben kunnen zien spelen. Zelfhaat was op dat moment verreweg mijn sterkste punt.

 

Na mijzelf zo een pietsje gekalmeerd te hebben begaf ik mij naar de reumatische bejaarden, vast van plan om er een paar met rolstoel en al van de trappen te gooien.

Het stond gelukkig 1-1. Dennis the Menace had zijn tegenstander van het bord gezwiept, ongetwijfeld geadrenaliseerd door mijn optreden. Niet lang daarna zorgde Peerdeman voor een remise en won Ouwens netjes. Daarna begon het grote wachten. Ik voelde de kilo’tjes van me afvallen. Alleen bij de krasse Meijer zag het er echt goed uit en dankzij de onhandigheden van zijn opponent was hij eigenlijk nog wel snel klaar. Blok werd zwaar onder druk gezet en zijn stelling werd overstroomd met vijandelijke stukken. Hij bezweek. Na deze beslissing stond het 3,3-2,5 en dat zou nog wel even zo blijven. Wat er bij de jonge Mildo gebeurde was niet echt fraai, maar gelukkig werkte zijn tegenstander dapper mee aan de totstandkoming van de remise. Dank tegenstander, dank! Broekman werd op een speculatief (?) torenoffer getrakteerd. Niet correct, vermoedelijk, maar praktisch kansrijk. Ik ga niet uit de doeken doen wat er allemaal gebeurde, maar iedereen zat dapper met hem mee te rekenen. Ik moest enkele malen hoognodig weg, opstandige oudjes wederom tegen de muur kwakkend. Broekman won.

 

En nu heb ik zojuist op Internet gezien hoe de andere ploegen in de poule hebben gespeeld. Ik kan kort zijn over de gevolgen: onze degradatiekansen zijn bij het ingaan van de laatste ronde hoger dan ooit. In de laatste drie wedstrijden hebben de onzen gevochten als leeuwen. Maar een teentje geluk is ook nodig, misschien wel twee teentjes. We kunnen slechts hopen dat Caissa toch nog naar ons lachen zal. Ook als is zij in principe boosaardig, in principe meedogenloos.

 


Scroll naar boven