Het verschil

Het verschil door Hans Meijer

 

Zal het een verschil maken? Ik bedoel, zal de wereld er echt anders uit gaan zien nu het tweede van Promotie terug moet keren naar de promotieklasse van de HSB (Haagse Schaakbond) in plaats van door te gaan in de derde klasse van de KNSB (Koninklijke Nederlandse Schaakbond)? Ik denk van wel. Stel dat parallelle werelden, zoals de moderne fysica suggereert, echt bestaan. In een zo’n, mij veel sympathiekere, wereld verklaart de wedstrijdleider van de KNSB  mijn in Tilburg gewonnen partij uiteraard niet verloren maar laat hij de uitslag gewoon staan. In die parallelle wereld handhaaft Promotie 2 zich in de derde klasse van de KNSB en degradeert Utrecht 3. De toekomst in die parallelle wereld zal er natuurlijk anders uit gaan zien dan in de onze. Na verloop van langere tijd zelfs totaal anders.

 

Vreemd genoeg hadden we een vergelijkbare parallelle wereld kunnen bereiken als Rob de Vries, onze wedstrijdleider extern, mij aan het begin van het schaakjaar als gewoon lid van het tweede team had aangemeld. Hij had mij, op mijn verzoek, echter als invaller voor de KNSB- competitie aangemeld. Dit in afwachting van mijn vertrek naar Bolivia. In oktober deed Bert Ouwens, de teamleider van het tweede, een beroep op mij. Hij vroeg me om in te vallen voor de wedstrijd in Tilburg tegen Stukkenjagers 2. Bord voor bord beschikte deze tegenstander over sterkere spelers dan Promotie. Met een verschil van gemiddeld zo’n tachtig Elo punten waren onze kansen op een wedstrijdpunt niet groot. Tijdens de wedstrijd bleek tot onze verbazing dat we zeker niet de mindere van Stukkenjagers waren. Sjaak Sibbing, Jan Blankespoor en ik gaven het goede voorbeeld door onze partijen te winnen.

 

Meijer J.W. (2146) – Storm K. (1962)

Stukkenjagers 2 – Promotie 2, Tilburg, 15.10.2005

1.d4 Pf6 2.c4 g6 3.Pc3 Lg7 4.Pf3 0-0 5.g3 d6 6.Lg2 Pbd7 7.0-0 c6 8.b3 e5 9.e3 Te8 10.Lb2 e4 11.Pd2 d5 12.h3 Pf8 13.De2 Ph5 Mijn opening was geen succes. Met zijn laatste zet komt zwart wit te hulp. 14.cxd5 cxd5 15.g4 Pf6 16.f3 exf3 17.Dxf3 Pe6 18.Pxd5 Pxd5 19.Dxd5 Dxd520.Lxd5 Pg5

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

21.h4 Ph3+ 22.Kh2 Txe3 23.Pc4 Te2+ 24.Kxh3 h5 25.Txf7 Lxg4+ 26.Kg3 Kh8 27.Tf2 Tae8 28.Lxb7 Txf2 29.Kxf2 Te2+ 30.Kg3 Lf6 31.Tf1 Kg7 32.Lf3 Lxf3 33.Txf3 Te4 34.d5 Tg4+ 35.Kh2 Txh4+ 36.Th3 Te4 37.Lxf6+ Kxf6 38.Td3 Ke7 39.d6+ Kd7 40.Td2 g5 41.Td5 Th4+ 42.Kg3 Tg4+ 43.Kf3 Kd8 44.Pe5 Zwart gaf op. 1-0

 

Tot een paar minuten voor de laatste tijdcontrole lag een wedstrijdpunt nog binnen handbereik. Jammer genoeg verloor Han Baas de controle over zijn stelling en bleven we op 3½ tegen 4½ steken.

 

Een paar dagen later zou het 2½ tegen 5½ worden door ingrijpen van de competitieleider van de KNSB. Hij bracht op onverbiddelijke wijze zijn interpretatie van het competitiereglement in stelling en besloot mijn partij op grond van artikel 13 verloren te verklaren. Een protest zou niets uitgemaakt hebben zoals de schakers van Het Witte Paard 3 uit Sas van Gent merkten die per ongeluk een schaker in hadden laten vallen die zelfs zwakker was dan zijn tegenstander. Zijn halfje werd op grond van artikel 13 door de commissie van beroep overigens wel bij vermeldde dat hier iets niet in de haak leek. Ik vroeg me af wat er in de parallelle wereld waarin ik lid ben van Stukkenjagers  gebeurd zou zijn. Dat blijkt iets onverwachts te zijn. In die wereld zou ik namelijk op grond van artikel 13 probleemloos in mogen vallen in Stukkenjagers 2 voor hun wedstrijd tegen Promotie 2. Bizar maar waar. 

Welk hoger doel wil de KNSB met artikel 13 nastreven? Als het doel is het voorkomen van competitievervalsing dan is men er, dankzij een bijzonder krakkemikkige formulering van dit artikel, in geslaagd een andere vorm van competitievervalsing te introduceren. Het ontgaat mij ook waarom de commissie van beroep van de KNSB zichzelf niet onbevoegd verklaard heeft en het bestuur verzocht heeft artikel 13 met terugwerkende kracht buiten werking te stellen. Er was namelijk al relevante jurisprudentie beschikbaar. De vorige competitieleider van de KNSB had artikel 13 een jaar eerder de facto buiten werking gesteld door het gewoonweg niet toe te passen en geen enkele club was op het idee gekomen hier protest tegen aan te tekenen.

 

Wat doe je als je niet meer in Promotie 2 in mag vallen? Het antwoord op deze vraag is buitengewoon verrassend. Je gaat gewoon op een lager niveau spelen. Willem Broekman vroeg mij of ik mee wilde spelen in het HSB-bekerteam. Ik aarzelde. Ik wilde het alleen maar doen als de wedstrijdleider van de HSB toestemming verleende. Geen bezwaar, was haar reactie. Met Ton de Waal aan het eerste bord, ikzelf aan het tweede, Nico Peerdeman aan het derde en Harrie Boerkamp aan het vierde en met Willem Broekman als teamleider gooiden we hoge ogen in de HSB bekerstrijd. De eerste twee wedstrijden, in Pijnacker tegen de Scheve Toren (3-1), en in Den Haag tegen Schaakhuis (2½-1½) wonnen we en ook in de derde wedstrijd thuis tegen WSC stevenden we op de overwinning af. Ton de Waal verloor zijn partij maar met mijn punt bracht ik de score weer in evenwicht.

 

Meijer J.W. (2146) – Dekker A.E. (1891)

HSB-beker Promotie – WSC,

Zoetermeer, 07.03.2006

 

1.d4 Pf6 2.c4 g6 3.Pc3 d5 4.cxd5 Pxd5 5.Ld2 Lg7 Smyslov’s variant. 6.e4 Pxc3 7.Lxc3 c5 8.d5 Lxc3+ 9.bxc3 0-0 10.Le2 e6 11.Pf3 Te8 12.d6 Da5 13.Dd2 Kg7 14.e5 Ld7 15.h4 h5 16.0-0 Pc6 17.Tfe1 Dd8 18.Tab1 b6 19.De3 f6 20.exf6+ Dxf6 21.Pg5 e5 22.Tbd1 Tad8 23.Lf3 Tc8 24.Le4 Pd8 25.g3 Pc6 26.Ld5 Tcd8

 

 

27.Pf7 Tc8 28.Dh6+ Kg8 29.Pxe5+ Le6 30.Lxc6 Tf8 31.Dxg6+ 1-0

 

Nico had intussen afgewikkeld naar een toreneindspel dat vrij gemakkelijk remise te houden was, terwijl Harrie gewonnen stond. Nico dacht te kunnen winnen, ging te ver, en verloor. Daarna was onze hoop op Harrie gevestigd. Hij  verloor zijn extra toren echter even uit het oog, gaf deze cadeau, en stond eveneens verloren. Weg finale tegen het Zoetermeerse Botwinnik. Weg HSB-beker.

 

De derde externe competitie waaraan ik meedeed was die van het eerste van Promotie. Het afgelopen jaar trad ik weer op als technisch directeur. Helaas hielden de spelers van het eerste zich zelden aan mijn opdrachten. Alleen Jan, Willem en Pauline deden wat ik van hen verwachtte, namelijk punten scoren. Nadat er onderweg twee matchpunten gemorst waren stond het eerste met zijn rug tegen de muur. Als Middelburg in de laatste ronde van Rotterdam 2 zou winnen, hetgeen niet onmogelijk was, dan moesten wij met minstens dezelfde cijfers van Oegstgeest’80 winnen. Ik toverde, na uitgebreid overleg, een tactische opstelling uit de hoge hoed: 1. Joost Mostert; 2. Henk Noordhoek; 3. Pauline van Nies; 4. Jan van den Bergh; 5. Bernard Bannink; 6. Ben Ahlers; 7. Willem Broekman; 8. Manuel Nepveu. De opdracht was winnen aan vier tot en met acht en remise proberen te maken aan een tot en met drie. Aan het begin van de wedstrijd bleek dat Harrie Breuker en Frans Martens, de teamleiders van het eerste, mij bord drie toebedeeld hadden. Henk had afgehaakt.

 

Piket J.J. (2151) – Meijer J.W. (2146)

Oegstgeest’80 – Promotie, 22.04.2006.

 

1.d4 Pf6 2.Lg5 g6 3.Lxf6 exf6 4.e3 De7 De Trompovsky. De lijfopening van Piket. 5.a3 f5 6.g3 Lh6 7.Pc3 c6 8.d5 d6 9.dxc6 bxc6 10.Lg2 0-0 11.Pge2 Lb7 12.h4 Pd7 13.h5 Lg7 14.Pd4 d5 15.hxg6 hxg6 16.Kf1 Pf6 17.Kg1 Tad8 18.b4 c5 19.bxc5 Dxc5 20.Pa4 De7 21.c3 Tfe8 22.Db3 La8 23.Db4 Tb8 24.Dxe7 Txe7 25.Lf3 Pe4 26.Kg2 Tc8 27.Thb1 Le5 28.Lxe4 dxe4 29.Tb5 Tc4 30.Tb4 Tc8 31.Tb5 Kg7 32.Td1 Tc4 33.Ta5 Lc6 34.Pc5 Le8 35.Pa6 Txc3 36.Pb4 Tc4 37.Td2 Kf8 38.Pdc2 Tc8 39.Pd4 Lb8 40.Pd5 Tb7

 

 

Op weg naar de bar van de Roode Leeuw om iets te drinken te halen vernam ik dat we de wedstrijd inmiddels gewonnen hadden. Nepveu en Ahlers hadden het volle punt gescoord en op de andere vijf borden waren de punten gedeeld. Het stond 4½ tegen 2½. Een uitslag waar ik vooraf voor getekend had. Er was echter sprake van een kleine complicatie. Middelburg stond met vijf tegen twee voor tegen Rotterdam 2 met nog een partij te gaan. De winstkansen in die partij lagen bij Middelburg. Als Middelburg zes tegen twee zou scoren en mijn partij remise zou worden dan zou Promotie degraderen. Mijn partij leek het verschil te gaan maken. Ik besloot geen risico te nemen en op winst te spelen. 41.Ta6 Tb1 42.Pb4 Tcc1 43.Pe2 Te1 44.Ta5 a6 45.Pc2 Txe2 Beter is 45.Pa2 Lb5 46.Pac3 Lxe2 47.Pxe2 Tb6 en het is nog maar de vraag of zwart kan winnen. 46.Txe2 Lb5 47.Te1 Txe1 48.Pxe1 Lc7 49.Txb5 axb5 50.Pc2 Le5 51.Kf1 Ke7 52.Ke2 Kd6 53.Kd2 Kc5 0-1

 

Dankzij dit winstpunt deed het er niet meer toe hoe de laatste partij in Middelburg af zou lopen (die ging  verloren voor Middelburg).

 

Met een score van 2 uit 3 tegen een gemiddelde tegenstand van 2088 scoorde ik in de KNSB een TPR van 2213 (als ik de HSB ook meetel scoorde ik met 4½ uit 6 tegen gemiddeld 2024 een TPR van 2217). Jan van den Bergh scoorde een TPR van 2211, Ton de Waal 2150 en Willem Broekman 2117. Zo eindigde ik toch nog ergens bovenaan. Niet gek al zeg ik het zelf.

 

Deze partij is voorlopig de laatste die ik voor Promotie zal spelen. Met mijn vertrek naar Bolivia komt er tevens een einde aan mijn technisch directeurschap van het eerste.  In Bolivia ga ik de match tussen de steden Cochabamba en Zoetermeer voorbereiden. Het is goed toeven in Cochabamba, de zon schijnt er altijd, dus ik verwacht een grote delegatie. En als Pauline in Bolivia wil blijven dan kan ze aan het eerste bord van het Boliviaanse damesteam aan de olympiade meedoen. En Bernard kan achter het vierde bord bij de  mannen plaatsnemen.

 

Scroll naar boven