Toevallig?

Toevallig?   door Jan van den Bergh

 

Enkele dagen geleden raadpleegde ik de onvolprezen website van onze mooie vereniging. Ik doe dat vaker. Het is leuk, ontspannend en informatief, niet in het minst door de doorgaans met tamelijk scherpe pen geschreven periodieke bijdragen van de vaste columnisten. Ik lees ze altijd. Deze keer viel mijn oog op de laatste column van John Tan, gedateerd 20 mei j.l. Lezenswaardig en humoristisch als altijd, behandelde hij o.a. de betekenis van de Hemelvaartsdag waarbij hij zijn betoog doorspekte met een stevige portie kabbalistisch angehauchte rekenkunde. “Jij zal wel bij de belastingen werken” dacht ik tijdens het lezen nog, en ja, verdomd, bij Castor en Pollux, hij blijkt daar te werken…  Toeval!?

 

Ook het schaken kwam in zijn stukje aan de orde, en zelfs mijn persoon (“JvdB”). De reden dat ik erin mocht figureren was ongetwijfeld mijn van aanmerkelijk filosofisch inzicht getuigende vaststelling ”dat het in het schaken vaak om één tempo gaat”!  Zo’n wisecrack gaat er altijd in als koek en mag een pedagogische zegen voor de minder begaafde schaker worden genoemd. U ziet het al: over zekerheden als koeien doe ik niet moeilijk……

Aanleiding tot deze dijk van een gemeenplaats was de afloop van de finale-rondepartij tussen John Tan (wit) en Ben Ahlers (zwart). John had met wit “manmoedig stand gehouden, aanmerkelijk materiaal in de affaire gestoken en zich positioneel enigszins gecompromitteerd” (lees dus: hij stond straal verloren), maar hij had wel een keihard en geforceerd mat in handen, waar Ben menselijkerwijs  gesproken helemaal niets meer tegen kon doen. Nu was er één klein probleempje: niet wit, maar zwart was aan zet… Zeg maar door een gewoon dom toeval. Die dingen gebeuren. U raadt de afloop van de partij ongetwijfeld goed.

 

Een paar weken later was daar de partij tussen Ton de Waal met “de witten” en ondergetekende spelend met zwart. Na uiterst obscure verwikkelingen had Ton in razende tijdnood een glad gewonnen stelling in handen gekregen, waarin zwart binnen 1 zet geforceerd mat zou gaan. Echt zo’n stelling van “no doubt about that, sir” en “there ain’t nuttin you gonna do about it, boy” en dat dan met zo’n moddervet zuidelijk accent. Nu was er één klein probleempje: niet wit, maar zwart was aan zet. Duidelijk een kwestie van toeval, dacht ik zo. De volkomen onverdiende uitslag van die partij (mm, héérlijk) hebt u ook op de website kunnen lezen. Maar is het nog steeds toeval als ik een dag later het berichtje via de mail lees dat Ton de Waal zijn lidmaatschap helaas opzegt (tijdelijk, red.)? Ik heb hem gevraagd of er verband tussen de nederlaag en opzegging bestaat, maar hij ontkent dat…

 

Nog een week later, inderdaad op de voor een enkeling omineuze datum van 06-06-’06, ook dat nog, komt er in een partij in de eerste finalegroep de volgende stand op het bord.

 

De kenners zullen waarschijnlijk de contouren van een scherpe Siciliaan nog wel in de verte kunnen ontwaren en je hoeft niet eens een rating van 1200 te hebben om te zien dat zwart geforceerd wint na … Th8-b8+. Briljant opgezet en uitgespeeld van de zwarten, die zelfs hadden gezien dat … 0-0 faalt op mat (Dg5 en mat op g7)!

“Nu was er slechts één klein probleem”…. Wit mocht het eerst en die speelde Da7+, waarna zwart het loodje legde…Heeft u enig idee wie welke kleur voerde? Vast wel want die namen zijn niet toevallig.

 

Ik weet niet wat toeval is, maar ik weet wel dat je nooit iemand op zijn blauwe ogen moet vertrouwen!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Om de laatste zin van Jan op waarde  te kunnen schatten hierbij een citaat uit de column van John Tan:

 

“Druk bezig om hem mat te zetten, zag ik te laat dat hij mij mat zette. Zegt JvdB: “in het schaken komt het vaak op één tempo aan”. Mocht er enige verdenking zijn: die blauwe ogen heeft hij van nature.”   Red.

 


 

 

Scroll naar boven