Het leven na Kramnik vs Deep Fritz

“Het leven na Kramnik vs Deep Fritz” door Ruurd Kunnen

Het is vijf jaar geleden dat ik een tekst moet schrijven voor de achterkant van mijn boek over schaakstijlen. Zo’n tekst is vooral bedoeld om bezoekers van boekhandels die het boek half-geïnteresseerd ter hand nemen, over te halen om het te kopen. Het leek me een goed idee iets over computers te zeggen. Ik maakte ervan: “De computers hebben hun intrede gedaan. Zij dreigen snel sterker te worden dan de beste menselijke schakers en sommige commentatoren menen dat het schaakspel op zijn eind loopt. De auteur komt tot de conclusie dat de dreiging van de computers wordt overschat en dat het schaken wel degelijk een toekomst heeft, mits het zich als sport blijft ontwikkelen.”
Viereneenhalf jaar voordat deze woorden werden geschreven had wereldkampioen Kasparov smadelijk verloren van het computerprogramma Deep Blue. Destijds dacht men dat dit een keerpunt in de schaakgeschiedenis was. Tien dagen geleden verloor de huidige wereldkampioen Kramnik van Deep Fritz. Tussen beide matches van mens tegen computer ligt bijna tien jaar. In de tussentijd is de mens gewend geraakt aan de suprematie van de computer. Niemand heeft verbaasd of vol ontzetting gereageerd op de nederlaag van Kramnik. Het leven gaat gewoon verder. De mensheid heeft geaccepteerd dat er schaakcomputers zijn en dat zij daar niet tegenop kan. Net zomin als het zin heeft een hardloopwedstrijd tegen een raceauto te houden, of een touwtrekwedstrijd tegen een vertrekkende trein, zo weinig zin heeft het nog om mensen tegen computers te laten schaken. Dat zal waarschijnlijk ook niet veel meer gebeuren en dan is ook de match tussen Kramnik en Deep Fritz een mijlpaal geweest.
Wel nuttig zijn de toernooien van computers tegen elkaar. Eigenlijk zijn dat wedstrijden tussen programmeurs. Ik vergelijk deze wedstrijden wel eens met de Formule 1-autoraces. In de vorm van een wedstrijd probeert men te bewijzen welk ontwerp en welke techniek het beste zijn en het gewone volk (de autobezitter, de bezitter van een schaakcomputer) profiteert daar uiteindelijk van in het dagelijks leven.
De computer heeft zijn plaats in de schaakwereld gevonden. Van grootmeester tot clubschaker wordt gebruik gemaakt van Fritz om partijen te analyseren. Spelers op alle niveaus hebben databases met een miljoen of meer partijen die zij gebruiken om hun openingen aan te scherpen en hun partijen voor te bereiden. Via internet worden toernooien gespeeld. Toernooien en matches kunnen direct on line worden gevolgd en de toeschouwers en journalisten gebruiken hun schaakprogramma’s om het verloop van de partijen te begrijpen. De schaakcomputers hebben het schaakleven veranderd en verrijkt. Ondertussen blijven mensen van vlees en bloed tegen elkaar schaken om de sport, om te winnen en om het plezier. Mensen die fouten maken en partijen wegblunderen en die elkaar soms van vals spel beschuldigen (“stiekem op de wc een computertje gebruikt”). Menselijker kan niet en dat maakt het schaken zo leuk.

Scroll naar boven