Eind juli is mijn moeder overleden. 96 jaar is ze geworden. Kerngezond tot vorig jaar december. Het ziekenhuis? Daar was zij een paar dagen om haar zoon geboren te laten worden en een halve dag om te overlijden. Over het jaar 2007, het laatste jaar van de no-claim regeling van de ziektekostenverzekering kreeg zij haar no-claim nog volledig terug! Kom daar maar eens om bij de gemiddelde Nederlander. In feite was zij zo ongeveer haar hele leven donateur voor alle mensen die veel te veel tabletten slikken.
En de dokter? Die kende haar alleen van de jaarlijkse griepvaccinatie.
Gezond zijn is niet het zelfde als alles kunnen. Vanaf 1992 moesten wij geleidelijk aan taken van haar overnemen om uiteindelijk in 2008 op volledige dagelijkse mantelzorg terecht te komen. Wij hadden moeder staan voor een burgemeestersbezoek in 2013. Dat zat er dus niet in. Een serie kleine infarcten werden haar uiteindelijk fataal.
Moeder behoorde tot de kleine groep mensen die de eerste en tweede wereldoorlog nog hebben meegemaakt, uiteraard inclusief de economische crisis van de jaren dertig en de enorme schaarste van de jaren kort na de oorlog. De generatie die alles moest geven voor de wederopbouw van het land. Die er ook alles voor deed om ‘hun kinderen het beter te geven dan zij het zelf gehad hadden”. Zij zijn daar in geslaagd en dat heeft ook mijn moeder veel voldoening gegeven.De opofferingen waren niet tevergeefs geweest.
Doch als zij de wereld om haar heen beschouwde constateerde zij ook dat met de explosief toegenomen welvaart er ook veel verloren is gegaan. Nederland was haar land niet meer, zei ze als ze naar het journaal had gekeken. En met recht kon ze zeggen dat het maar de vraag is of haar achterkleinkinderen het beter zullen krijgen dan haar kinderen. Det rekening van het oogkleppen materialisme komt hoe dan ook bij komende generaties terecht.
In onze familie is moeder de laatste van haar generatie. Mijn generatie is nu de oudste en dat geeft een gevoel wat niet met een enkel woord te beschrijven is. Weemoed en de wetenschap dat er meer achter je ligt dan voor je.. Dat zit er in ieder geval in. Het houdt je niet dagelijks bezig, maar het is er onmiskenbaar.
Vanmiddag hebben we de sleutels aan de woningcorporatie overhandigd. Klaar! Huis leeg. Bij mij thuis zijn onder meer gearriveerd het schaakspel en het bord waarmede ik schaken heb geleerd. Zeer licht hout en van het model zoals Ruurd Kunnen dat eens heeft beschreven in een column. Het bord staat nu naast mijn eigen bord en de doos met stukken naast mijn doos met stukken. Er is ook nog een map met schaakknipsels meegekomen. Ik moet daar nog in kijken. Wie weet levert het nog een column op.
Wat zou ik trouwens nog graag een partijtje spelen met mijn vader! Weemoed! In zijn laatste levensjaren speelde wij een soort correspondentie partijen. We gaven de zetten telefonisch door en als ik op visite was deden we ook een paar zetten. Daarvoor gebruikten wij beiden een identiek magnetisch bordje. In 1964 samen aangeschaft in een zaak in de Weimarstraat nabij het Regentesseplein. Mijn bordje ligt al vele jaren gebruiksklaar in de kast. Daar ligt het zijne nu bij, na 45 jaar herenigd..
