Passage

Onwetend van de verlate verschijning van de eerste columns na het zomerreces was ik de gehele vakantie weer gespitst op schaak-momenten. Ik kan niet zeggen dat ik er onder gebukt ging. Maar toch. Zonder schaak-momenten geen columns, zo simpel is het. Als we in Engeland zijn, wordt er altijd gespeurd in zogeheten Charity shops naar onder meer Tey pottery huisjes, langspeelplaten en theepotten. Er gaat altijd op de heenreis een lege rugzak mee en we weten dus ook gelijk het maximale volume dat kan worden aangeschaft. Elke liefdadigheidsinstelling heeft wel een keten van winkels en zo zijn er stadjes met 14 verschillende Charity shops op loopafstand van elkaar. Het gaat om kleinere spullen. Meubilair e.d. vindt kennelijk in Engeland een andere weg. Men zou verwachten dat de opkomst van E-bay de populariteit zou doen afnemen. Die indruk hebben wij niet. Overal was het druk. Schaakboeken of andere schaakitems ben ik nog nooit tegen gekomen (ik reken een simpel uitgevoerd schaakspel niet mee). En zo langzamerhand mag dat wel als sluitend bewijs worden opgevat want wij bezoeken jaarlijks zo’n 100 Charity shops. Alleen: bewijs van wat? Dat ik niet goed kan zoeken, dat de aangeboden spullen in een mum van tijd weer verkocht zijn of dat er simpelweg niets wordt aangeboden? Het zal wel een combinatie van deze factoren zijn. We waren al halverwege onze vakantie toen ik in een etalage van een boekenwinkel opgelucht mijn echtgenote kon mededelen: ik zie er één. Kijk daar. Pontificaal opgesteld stond het boek Breaking dawn van Stephanie Meyer. Ik had nog nooit van deze dame gehoord. Het bleek een Amerikaanse schrijfster te zijn, die in het voetspoor van haar Britse collega J.K.Rowling zich op science fiction had gestort. Ook het verhaal “hoe zij er toe gekomen was dit te schrijven” had een sterke gelijkenis. ‘Breaking dawn’ is deel 4 van de ‘Twilight Saga’. Zou ze het wagen er zeven te schrijven? Het boek viel mij op door de kaft. Een witte dame op b2 en een rode pion op e6. Welke symboliek zou hier achter schuilen? Nieuwsgierig was ik wel, en de prijs was heel redelijk. Alle Harry Potters staan bij ons in de kast met de films, daar ook nog eens bij. Dan moet je zo’n surrogaat Amerikaanse wel afwijzen. Vier dagen later bevonden wij ons voor het stadhuis in Leeds. In het buitengewoon brede trottoir waren twee schaakborden aangebracht en daarop werd gespeeld. Het linkerbord gaf geen interessante partij. Een wat oudere man had met Ld3 zijn eigen stukken opgesloten. Dat kon niets worden. Op het andere bord werd door twee jonge mannen, waarschijnlijk buitenlandse studenten, zeer ernstig gespeeld. De zwartspeler was daarbij vrijpostig op het lege linker deel van het bord gaan staan. Voor de liefhebbers de stelling: wit: Kb1, Dc1, Td6, a2, b2, e3, g3 zwart Kh5, Df2, a7, b7, c6, e5, f5, g5. Zwart is aan zet. Hij moet zich verweren tegen Dd1 schaak en mat. Zwart verloor na Kg4. Voor de winnaar kon er een kort knikje af. Graag had ik mij voor de volgende partij gemeld. Doch daarvoor waren mijn metgezellen echter niet naar Leeds gekomen. We moesten de schitterende passages nog doen en die bleken zelfs mooier dan die van Den Haag.

Scroll naar boven