De noordhoek nader bekeken

De tijd is rijp dat we enkele nieuwe termen aan het schaakvocabulaire toevoegen. Schaaktermen als het centrum, de koningsvleugel, de open lijn, de zevende rij, de dolle toren, etc., zijn sinds de dagen van Steinitz ingeburgerd maar de alom bekende schaaktermen schieten tekort om alle nieuwe ontwikkelingen op het schaakbord adequaat te beschrijven. Mijn voorstel is om aan de klassieke begrippen de termen de noordhoek, de oosthoek, de zuidhoek en de westhoek toe te voegen. Met deze nieuwe termen kunnen we met slechts één enkel woord gebeurtenissen in de a8-hoek, de h8-hoek, de h1-hoek respectievelijk de a1-hoek duiden. In deze column geef ik voorbeelden van situaties waarin de term de noordhoek uitstekend van pas blijkt te komen.


Fragment Fortis advertentie uit 2007

In bovenstaand fragment van een Fortis advertentie uit 2007 zien we dat er sprake is van hoogst interessante ontwikkelingen in de noordhoek. Onze jonge schaakster heeft haar twee paarden op de velden a8 en b8 geplaatst. Dit wijst erop dat er wellicht sprake is van een Fischer random schaak opstelling, waarbij in 32 van de 960 beginstellingen paarden op a8 en b8 staan. Een andere mogelijkheid is dat zij, net als Henk Noordhoek van Promotie, de Aljechin verdediging speelt. In Henk’s partijen met deze verdediging duiken beide zwarte paarden, net als hier, vaak op in de noordhoek. Overigens bij Henk meestal op a6 en b6. Bij Promotie zijn we vanwege deze ietwat bizarre gewoonte van Henk de omgeving van veld a8 de noordhoek gaan noemen. Een derde, ik geef toe wat vergezochte, optie is dat onze schaakster en haar tegenstander het noordhoek schaak spelen. Bij deze schaakvariant moet zwart zijn paarden eerst naar a8 en b8, en wit naar a1 en b1, spelen alvorens er stukken geslagen mogen worden. De kans dat hier het noordhoek schaak gespeeld wordt is klein maar helemaal uitsluiten kunnen we het niet.

Enige informatie over de achternaam Noordhoek is te vinden op de Nederlandse familienamenbank (meertens.knaw.nl/nfb). In 2007 woonden er in ons land 863 Noordhoeken, 307 Zuidhoeken, 812 Oosthoeken en 117 Westhoeken. Opmerkelijk is dat er in deze hoeken de nodige geesten blijken te huizen. Ik vond in de familienamenbank 491 Westgeesten en 631 Zuidgeesten maar verder geen enkele Oostgeest en geen enkele Noordgeest. Hoe dit laatste kan is mij een raadsel. Een blik op de KNSB ratinglijst van januari 2011 laat één Zuidgeest, Jordy die lid is van WSC, en twee actieve Noordhoeken, de ene Henk bij AAS en de andere Henk bij Promotie, zien. De twee Noordhoeken zijn ongeveer even sterk en in 2005-2006, toen AAS en Promotie in dezelfde tweede KNSB klasse speelden, hadden ze tegenover elkaar kunnen zitten als de teamleiders net even iets slimmer waren geweest met het maken van de opstellingen.

Een doodenkele keer verdwalen er zwarte dames in de noordhoek. Ik stond naast hun bord toen tijdens het Liechtenstein Open 2000 in Triesen Egon Brestian de dame van Josef Pribyl in de noordhoek opsloot, zie diagram 1. De wanhopige blik in Pribyl’s ogen verried paniek. Hij zocht naar een uitweg die er niet bleek te zijn. De partij van Hans Böhm tegen Erik Olof met een claustrofobische dame trof ik jaren geleden op Tim Krabbé’s website aan, zie diagram 2. Het is een partij die Böhm op hoogst originele wijze naar zijn hand zette. Een derde partij met dit dame motief ontdekte ik onlangs in ‘Al dat geschaak’ van Bert Kieboom (1990). In dit mooie boekje staan schaakcolumns die Kieboom tussen 1981 en 1989 voor het Utrechts Nieuwsblad schreef. Zijn boekje deed me terugdenken aan de jaren dat ik als krantenjongen dit blad in Spengen en Portengen rondbracht. De partij betreft een NSVG correspondentiepartij van Martien Boerefijn tegen de oud-burgemeester van Abcoude Ad Bestman, zie diagram 3.


Egon Brestian – Josef Pribyl, Liechtenstein Open 18th, Triesen, 2000.
1.Pf3 d6 2.d4 Lg4 3.e4 Pf6 4.Pc3 e6 5.h3 Lh5 6.De2 c6 7.g4 Lg6 8.h4 h6 9.h5 Lh7 10.g5 hxg5 11.Pxg5 Lg8 12.Lg2 Db6 13.d5 e5 14.Ld2 Pbd7 15.0-0-0 c5 16.Kb1 a6 17.Lh3 0-0-0 18.Lf5 Kb8 19.Th3 Te8 20.Tdh1 Te7 21.Pd1 Pe8 22.Tb3 Da7 23.a4 g6 24.Lxd7 Txd7 25.La5 Le7 26.Lb6 Da8 27.a5 (Zie diagram 1) 27…Lxg5 28.Dg4 Pf6 29.Dxg5 Pxe4 30.Dg2 Pd2+ 31.Ka2 Pxb3 32.cxb3 Lh7 33.hxg6 fxg6 34.Dxg6 Kc8 35.Pe3 Db8 36.De6 Dc7 37.Lxc7 Kxc7 38.Df6 Tg8 39.Pc4 Le4 40.Th8 Txh8 41.Dxh8 1-0

Hans Böhm – Erik Olof, 1979.
1.d4 c5 2.d5 f5 3.g4 fxg4 4.h3 d6 5.hxg4 Lxg4 6.f3 Lf5 7.e4 Ld7 8.Pc3 Pa6 9.Lg5 Da5 10.Pge2 g6 11.Lh3 Lxh3 12.Txh3 Lg7 13.Ld2 0-0-0 14.Pf4 Pc7 15.a4 Db6 16.Pb5 Pxb5 17.axb5 Tf8 18.c4 a6 19.Pe6 Tf7 20.La5 Da7 21.b6 Db8 (Zie diagram 2) 22.Da4 Pf6 23.0-0-0 Ph5 24.Tdh1 Le5 25.Ld2 Tg8 26.Kc2 Lg3 27.f4 Lf2 28.Txh5 gxh5 29.Txh5 Ld4 30.Tg5 Th8 31.Lc3 Lxc3 32.Kxc3 h5 33.Txh5 Tg8 34.Kb3 Tgf8 35.Ka2 Tg8 36.f5 Da8 37.Th6 Db8 38.Pg5 Tfg7 39.Tg6 Txg6 40.fxg6 Kd8 41.g7 a5 42.Pe6+ Kc8 43.Pf8 1-0.

Martien Boerefijn – Ad Bestman, Correspondentie NSVG, 1984-1985.
1.e4 d6 2.d4 Pf6 3.Pc3 g6 4.Le2 Lg7 5.Le3 c6 6.f4 Dc7 7.Pf3 Pbd7 8.Dd2 Pg4 9.Lg1 e5 10.h3 Pgf6 11.g4 exd4 12.Pxd4 Pc5 13.Lf3 Le6 14.g5 Pfd7 15. 0-0-0 0-0-0 16.b4 Pa6 17.Pcb5 Db8 18.Pxa7+ Dxa7 19.Pxc6 Da8 20.Pa7+ Kb8 21.b5 Pdc5 22.b6 (Zie diagram 3) 22…Pa4 23.e5 Lxa2 24.Da5 P6c5 25.Lxc5 Pxc5 26.Dxa2 Thf8 27.Td5 h6 28.exd6 Pd7 29.Dc4 1-0

Scroll naar boven