Verslag van de wedstrijd Promotie 1 – De Drie Torens 1, door Harrie Boerkamp
Dat teamleiderschap van het eerste is heel leuk, maar wat een gesleep met die stukken. Ik leef al zestig jaar in volle overtuiging zonder auto, niet uit idealistische milieumotieven, maar omdat ik vind dat je zo’n ding helemaal niet nodig hebt. Als vader in een groot gezin sleepte ik de weekboodschappen inclusief een krat bier voor vader gewoon op de fiets binnen, in één keer rijden. Het speelmateriaal moet van de club, in het weekend afgesloten, naar de speellocatie, waar geen bewaarplek is. Tien borden krijg ik op de fiets niet mee, het is groot formaat en zo’n 35 kilo, dus moet ik een auto regelen op dinsdagavond, bedankt Han, op zaterdagmorgen, bedankt Nico, op zaterdagavond, bedankt Joop, en weer op dinsdagavond, wie? Heeft iemand hier een geniale oplossing voor, ik kon er geen bedenken.
Bernard is al sinds jaar en dag het boegbeeld van Promotie. Robby is een ster aan het worden. En Henk is de stille kracht. Zonder er woorden aan vuil te maken pakt hij in de zesde ronde voor de zesde keer zwart, hij vecht de hele middag door en hij scoorde gisteren zijn derde één op rij. Wat een waarde voor het team. Maar, de waarheid moet gezegd, na dit trio houdt het een beetje op. Wat de andere vijf dit jaar laten zien is niet om over naar huis te schrijven. Het zit ‘m niet in de teamspirit, de sfeer is goed, de motivatie ook, we zijn één van de vier KNSB-teams zonder invallers. Natuurlijk zijn onze mannen goed genoeg voor de derde klasse KNSB (…), maar het valt zo vaak de verkeerde kant op. Als leider van het langgerekte peloton in poule 3F (Oegstgeest staat twee punten los) dachten we het achterin hangende De Drie Torens wel te kunnen hebben. Ik kende die club niet, maar het is sinds vijf jaar de nieuwe naam van het aloude De Wolstad, de club waar Sjaak ooit kampioen was. Sjaak kwam dan ook gezellig met wat oude maten aanlopen. Tegenvaller was dat ze de sterke 2300-speler Dennis Brokken hadden meegebracht, waarmee direct de voorbereiding op een paar van hun spelers de prullenbak in kon.
Manuel had met zwart op bord 5 alle problemen in het Frans vlot opgelost, bood remise aan (met instemming van de teamleider!), maar dat werd afgeslagen. Prompt liet hij zich in een zware-stukkeneindspel beetnemen. Dat was 0-1.
Nico, op 8, die met wit zo gevaarlijk kan zijn, haalde naar eigen zeggen twee varianten door elkaar, en liet een dame binnenvallen op zijn lange-rokadestelling. Het kostte een pion en een kwaliteit, kansloze zaak. Dat was een virtuele 0-2 na anderhalf uur.
Ja, en dan hebben we Robby. Ik dacht dat hij, met zwart op 1, in de opening zo ongeveer verongelukt was, maar theoriekenner Jan vdB ontkende dat met klem. Het schijnt een opening te zijn, die ook door Kramnik wordt gespeeld, waar een open g-lijn en een naar g2 loerende loper compensatie geven voor een pion achterstand en een dubbelpion en een koning op de tocht in het centrum. Zoals het ging was een fantastisch schouwspel. Op het hoogtepunt van de strijd sloeg Robby met de dame op b2, waardoor de druk op de vijandelijke koning nu van drie kanten kwam. Slaan op b2 is gewoon altijd goed! Robby, stuur je partij even op met wat commentaar, dan kunnen we nagenieten.
Op de overige vijf borden moest de echte strijd toen nog beginnen, maar nergens was duidelijk voordeel voor de onzen te zien.
In het beslissende vierde uur ging Jan vdB, met wit op 6, in op herhaling van zetten. Ik had gehoopt dat hij de wedstrijd ten goede kon keren en baalde dat hij niet even kwam overleggen. Maar volgens hem zat er echt niks anders op en uiteindelijk beslist de speler natuurlijk zelf.
Toen Sipke, met wit op 4, door zijn agressieve tegenstander werd uitgespeeld en in een harde mataanval ten onder ging, was het gebeurd. Nico gaf de ongelijke strijd op, waarmee het 1,5 – 3,5 werd.
Drie matadoren streden toen nog om de Tilburgers verder geen halfje meer te gunnen. Jan B, met zwart op 7, was al in de opening in de moeilijkheden, raakte een pion kwijt, maar bleef zich taai verzetten. In een TL-eindspel won hij de pion terug. Hij had even zijn moment van triomf toen hij remise afsloeg. Helaas bleef het daarbij, het was potremise. Stand 2-4.
Bij Bernard, wit op 2, was er iets helemaal misgegaan tussen de 35e en 40e zet. Hij was op zijn vertrouwde manier op een klein voordeeltje aan het spelen, maar hij manoeuvreerde verkeerd met zijn loper en liet een toren binnenvallen. Nog uren vocht hij voor remise, maar zijn onverstoorbare tegenstander liet niet meer los. Daarmee was het 2-5, geen matchpunten voor ons.
Tenslotte Henk, zwart op 3. Zoals zo vaak kwam hij met zijn Aljechin in een weinig florissante stelling terecht. Maar dan begint het eindeloze geschuif. Ik geef toe dat ik het niet kan volgen, maar na elke tien zetten staat ie steeds ietsje beter. Uiteindelijk had hij twee vorstelijke verbonden vrijpionnen méér dan de sufgespeelde tegenstander. Eindstand 3-5.
Het aantal fans viel wat tegen. Naast de groep vrijwilligers telde ik er maar vijf, dat moet de volgende keer verdubbeld worden, mensen. Alleen de tomatensoep met room is al een bezoekje waard.
Na afloop bleken koploper Oegstgeest en concurrent Rijswijk ook verloren te hebben, waardoor we met 7 uit 6 nog steeds kanshebber zijn voor het kampioenschap! Over drie weken krijgen we Oegstgeest op bezoek met de toppers Nikolic en Slingerland, dat wordt erop of eronder.
