Winst voor K1 en K2

   

De KNSB-uitslagen van vandaag:

[3E]  Philidor Leiden 2      – Promotie K13½ – 4½

[4G]  De Stukkenjagers 4 – Promotie K23½ – 4½ 

Verslag K1, door Jan Willem Duijzer:

Als het niet kan zoals het moet, dan moet het maar zoals het kan. Met een behoorlijk ratingoverwicht traden we aan tegen Philidor Leiden 2. Echt gemakkelijk ging het niet, maar op routine werden de wedstrijdpunten toch over de streep getrokken. Paul en Ben wonnen beiden vlot en na de remise van Henk, die voor het eerst in lange tijd een externe partij met wit speelde, leek de overwinning al dichtbij. Helaas verslikte Dylan zich in tijdnood, terwijl hij zich juist goed teruggevochten had. Hetzelfde gold voor invaller Bert Ouwens, die in een gecompliceerde stelling misgreep. Jan Willem kreeg met wit drie pionnen op c5, d6 en e5 en die drietand was teveel van het goede voor zwart. Tussenstand 3½ – 2½. Nog twee partijen te gaan. Arie had een gunstig eindspel, maar Bernard leek iets minder te staan. Het duurde tot half 7, maar beide routiniers gaven geen krimp. Arie bleef het proberen en Bernard verdedigde zich stug. Toen Bernard remise maakte vond ook Arie het genoeg. Eindstand 4½ – 3½. LSG blijf op koers voor het kampioenschap in 3E, maar wij zitten samen met DSC op het vinkentouw.

Verslag K2, door Nico Peerdeman:

De Stukkenjagers 4 – Promotie 2

Na het debacle tegen Messemaeker 2 (waarbij als team slechts een half punt werd gescoord…) was het tijd voor revanche. Daarvoor hadden we de perfecte tegenstander. Het Tilburgse De Stukkenjagers bivakkeert puntloos onderaan in de poule en fungeert voor elk team als kop van Jut.

Dus togen we zaterdag vol goede moed richting Tilburg. In een auto waarin geschiedkundigen als Sjaak, Manuel en Gerhard ook een plaats hadden gevonden zat het met ons historisch besef voorafgaand aan de partij wel goed. Die voorbereiding was in ieder geval op orde.

De wedstrijd begon. Nico gaf met zwart het goede voorbeeld en was snel klaar. Nadat zijn tegenstander dameruil had afgeslagen en een dominant paard op d5 was neergezet, was na 25 zetten de volgende stelling ontstaan:

Zwart heeft een aanval op de damevleugel. Wit probeerde de druk te verlichten en speelde:

26. axb4 axb4 27. Df3

Met de gedachte om de dame terug naar de damevleugel te halen. Zelf ruilen van de torens op a8 was relatief gezien beter geweest. Zwart heeft dan ook alle troeven in handen. Maar het zou niet hebben geleid tot het aanschouwelijke slot.

27… Txa1

Maakt de witte damevleugel kwetsbaar zoals snel zal blijken.

28. Txa1 Dc2! 29. Dd1

Hierop had wit al zijn geld gezet.

29. … Dxb2!

Lijkt een misrekening.

30. Tb1 bxc3!! 31. Txb2 cxb2

Wit verzonk in gedachten en gaf vervolgens op.

Na het verplichte 32. Db1 c3 (Zelfs Lxd4+ kan) is promotie van de b of c-pion niet meer te verhinderen:

33. Lxc3? Pxc3 of

33. Le1 c2! 

Een boost voor het individuele zelfvertrouwen en dat van het team. Zou je denken. (1-0)

Nico werd door deze snelle partij de waarnemer ter plaatse.

De wedstrijd ging verder…

Redelijk snel hierna werd het gelijk. Sjaak speelde met wit zijn Siciliaanse huisvariant waarmee hij meer dan genoeg relevante speelgeschiedenis heeft. Toch wist zijn tegenstander hem te verrassen met een paar niet verwachtte pionzetten. Sjaak wist zich hiermee geen raad en zag tot overmaat van ramp ook nog eens een zeer cruciale centrumpion verloren gaan. Dat was te veel van het goede. (1-1)

Maar er was weinig reden tot bezorgdheid. De meeste borden stonden OK. Sebastiaan had zelfs een meer dan OK-stelling met zwart. En ook Johan had met wit meer dan prettige vooruitzichten.

Er gebeurden psychologisch zeer interessante zaken bij de partij van Gerhard. Uw verslaggever stond er met zijn neus bovenop. Na 23 zetten was de volgende stelling ontstaan:

Zwart had zojuist 23…Pc5 gespeeld.

De kenners herkennen de contouren van een Benoni-opening.

Is het mogelijk om een zet te doen die bij tegenstander bijna aankomt als een fysieke knock-out? Daar leek het bij Gerhard wel op. Hij speelde het sterke 24. Dxc5! leidend tot een zeer prettig eindspel als zwart durft te slaan.  Dat staat er wat apart: durft te slaan, maar dat is wat er mentaal speelde. Zwart durfde niet en speelde 24…Pd7. Kwam een stuk achter en gaf een paar zetten later op.

(2-1) 

En het bleef goed gaan. Jaap had zeer actief spel verkregen met zwart in een Hollands Leningrader opening. Een irritante pion op f4 bewaakte een ‘gat’ op g3. Veel stukken stonden al dreigend richting de witte koning. Wit offerde een paard voor 2 pionnen maar dat maakte de zaken alleen maar erger. Daardoor kwam er ook meer ruimte voor de zware zwarte stukken. 

Dit is de stelling na 40 zetten waarbij zwart zojuist een toren op h5 heeft gezet.

Wit moest wel iets slaan om niet te ver achterop te raken en deed dat met: 41. Txf6. Nu volgde een mataanval beginnend met 41… Txh3+ 42. Kg1 Dh2+.

En zo kwam de tussenstand op 3-1.

Maar…..Ondertussen had Johan zijn fraaie stelling in rook zijn opgaan door een te opportunistisch offer van een paard voor 2 pionnen. Zijn tegenstander zag het allemaal rustig aan en won zelfs nog meer materiaal.

Dat het 3-2 werd was geen verrassing.

Aansluitend zat Manuel met zwart tegen een knap lastige stelling aan te kijken. Een verdwaalde pion op d3 ging uiteindelijk verloren. Gevolg hiervan was dat een eindspel met minuspion in het vooruitzicht lag. In eerste instantie was dit een toreneindspel van 4 tegen 3. Later werd dit 3 tegen 2. De tegenstander wist in dit terrein van specialisten flinke vorderingen te maken. Daarbij was zijn belangrijkste verdienste dat er een vrije e-pion ontstond.

De stelling na 59 zetten was als volgt. Manuel had zojuist 59…Ke8 gedaan om niet mat te gaan op d8.

Wit had hier de kroon op het werk kunnen zetten (toepasselijk in de stad van Willem II), maar hij deed dit echter niet. Opnieuw een psychologisch moment? Hij speelde 60. Kg7. Manuel wist hier wel raad mee en stelde door: 60. …Txg3 61. Txg6 Th3 62. e6 Txh4 gelukkig voor ons het halve punt veilig. (3½-2½).

Echter tegen 60. Ta6 en een komende schaak op a8 was geen kruid gewassen. De zwarte toren staat erg ongelukkig. Na bijvoorbeeld 60….Txg3 61. Ta8+ Kd7 62. e6+ Kd6 63. Td8+ Kc7 64. e7 is erg geen hoop meer voor zwart. Wit heeft zijn e-pion beslissend verder gebracht.

Ondertussen is dit verslag al aardig uit de hand gelopen. Ook over de partij van Sebastiaan kan bijna een heel boek geschreven worden. In totaal gewonnen stelling met 2 pionnen meer schoot hij een enorme bok in de vorm van een toren die ineens pardoes werd geslagen. Toch ging de partij nog ‘gewoon’ verder en kreeg het publiek waar voor zijn geld. Sebastiaan verdedigde zich als een leeuw (zijn tegenstandster liet zich trouwens ook niet onbetuigd) en wist uiteindelijk een eeuwigschaakmechanisme te fabriceren. (Mijn spellingschecker heeft bedenkingen bij dit lange woord, maar ik laat het mooi staan). Wederom een half punt! (4-3).

Toen lag alle druk op Joost. Aan het 1e bord speelde hij met wit tegen een jeugdspeler. In zijn karakteristieke stijl leek Joost alles onder controle te hebben. Al vroeg in de partij verkreeg hij het loperpaar en behield dat tot in het eindspel. Zijn jonge tegenstander zag toen ook wel dat er niet veel meer te halen viel en bood remise aan. Joost ging onverstoorbaar verder op zoek naar een vol punt. Maar de vrede werd uiteindelijk getekend. Dat bezegelde de 4½-3½ winst en 2 hele belangrijke matchpunten.

Pas hier veegde uw verslaggever het zweet van zijn voorhoofd en heeft een weekend nodig gehad om bij te komen van al deze enerverende momenten.

Scroll naar boven