Op vrijdag 23 januari 2009 was het weer zo ver: Een peloton Zoetermeerse schakers toog naar Wijk aan Zee om huis te houden in de tienkampen van het inmiddels 71e Corus-toernooi. Althans., dat laatste was de bedoeling. De voortekenen oogden immers gunstig: we hadden er zin in, de resultaten van het vorige jaar rechtvaardigden een voorzichtig optimisme en het weer was goed. Bovendien beschikte de heer Ahlers over een nieuwe automobiel mét een echte boord-computer (waarover later) en had de heer Noordhoek een gulle lach en een goed humeur meegenomen… Dan kon er weinig mis gaan (dachten we…).
Bij het binnenrijden van "de parel van het Noordzeekanaal" Velsen-Noord/Beverwijk hadden we de eerste keer al kunnen en moeten merken "dat er iets niet klopte". Reeds ruim een decennium wordt daar volstrekt tevergeefs naar ondernemers gehengeld met het meesterlijk motto "Werken in de IJmond: een Stalen Concept!". Dat hoort zo, plaatselijke folklore, te vergelijken met de Alkmaarse kaasmarkt of de Hillegomse tulpenvelden. Vorig jaar echter was plotseling al het internationale ingenieursbedrijf Tebodin in die marketingtruc getrapt. Nu, anno 2009, bleken ineens al drie (!) ondernemingen bereid te zijn de gok op dit lokale knekelveldje te wagen. Enfin: we zagen deze "Change!" pas, toen het te laat was en we reeds ruimschoots aan een kansloze missie bezig waren…
Net zoals we er wel erg laat achter kwamen dat de "aankleding en uitstraling" van "Corus" dit jaar een stuk minder waren. Er was (onder invloed van het economisch getij) duidelijk minder geld in het evenement gestoken. Over het deelnemersveld is al eerder gesproken: dat was ondanks alle p.r.- fuzz in de topgroep kwalitatief gewoon een stuk zwakker dan in vorige jaren, door het nagenoeg ontbreken van echte toppers. Voor zover ze er wel waren (Morozevich, Ivanchuk) stelden ze teleur. Het zegt genoeg als er heel veel korte remises vallen, bij het ingaan van de laatste ronde vijf of zes man nog kans maken op de hoofdprijzen en Jan Smeets (die toch niet als een supertalent geldt) zonder zich echt ingespannen te hebben in de middenmoot eindigt… De hoofdgroep: we hebben er heel weinig van gevolgd en ook weinig aan gemist…
De vlek "Wijk aan Zee" was dit jaar gewoon onversneden naargeestig.. Er ontwikkelden zich conversaties als:
“Je zal maar wonen in deze poort van de hel – wat heb je hier nou in zo’n gat ’?!” (vd Bergh)
“Tja een paar Duitsers, in de zomer…” (Ahlers)
“En Heliomare in de rest van het jaar..” (vd Bergh)
“Dikke pret, dus” (Ahlers)
Daar worden de meeste mensen dus niet vrolijk van. Voeg daarbij de dreigende massa-ontslagen in deze Corus-contreien en het zal duidelijk zijn dat Wijk aan Zee dit jaar niet "the place to be" was… Daar kan het voor de schaakgodin Caïssa opgerichte heiligdom "De Moriaan" met haar schare meestal op leeftijd zijnde, soms onfris meurende, gelovigen weinig aan veranderen…
Medelijden is op zijn plaats als de lokale belendende pottenbakker in zijn jacht op een grijpstuiver bij wijze van schnabbel de schakende passanten tegen een bescheiden bedrag een heus "schaakdiner" in het vooruitzicht stelt.
Dan heeft de economische crisis echt hard toegeslagen. Opgewarmde erwtensoep en paardenvlees zal hij wel bedoeld hebben..
Nog zo’n te laat geduid feitje ("telling detail"): Al tientallen jaren hoort een uitgestapte schaker lopend vanaf de parkeerplaatsen bij of op de zgn. paardenweide een volle en gure stormwind uit het westen te trotseren. Dat als eerste beproeving en "opwarmertje" voor het geworstel in de speelzaal. Niets daarvan, deze keer. Je werd nu met oostelijke wind in de rug het heiligdom ingeblazen. “Tja, dan wordt het natuurlijk wel erg gemakkelijk, dat schaken…".
De lezer beseft natuurlijk onmiddellijk dat hier iets niet in de haak is. Wij beseften dat pas nadat we al zeven ronden hadden gespeeld.
En wat te denken van de traditionele uitsmijter. Al jaren is het de gewoonte van de schrijver dezes elk toernooi één Moriaanse uitsmijter te nuttigen., omdat die zo lekker is (drie mooie grote gele dooiers, lekkere ham en vers brood, smakelijk groenvoer…). Een probaat middel om in één klap het cholesterol-gehalte op hoger peil te brengen. Deze keer werd hem echter een belegen gelig uitgeslagen dweil, gelardeerd met een dorre grasspriet op een zompig stukje "broodachtige substantie" opgediend. "Goed kauwuh!!" voegde de ober er nog malicieus grinnikend aan toe….
"Hebbie een teiltje?" zou een afgemeten riposte geweest zijn.
Jarenlang was de spitsfile op de terugweg ter hoogte van Schiphol en/of Leiderdorp ook een onwankelbare zekerheid,
lichtend baken en pijler van het schakersbestaan bij Corus. Dit jaar:: Niets. Noppes. Nada. Zelfs het verkeer werkte dus tegen. Weer “een stukje vertrouwde continuïteit” naar de kloten.
Kortom: Het is voor de goede verstaander nu al wel duidelijk : "Corus" was "Corus" niet meer en we hadden het daar als oudere jongeren (jongere ouderen) duidelijk nogal moeilijk mee. Zo begon mij ineens ook de "grote grijze plaag" behoorlijk te storen. Psychologen hebben daar een verklaring voor: je schijnt je te willen "profileren" ten opzichte van.een groep waarvan je zelf nog net geen deel uitmaakt. Ik schatte de gemiddelde leeftijd van de deelnemers op ongeveer 70, al kan ik makkelijk 10 jaar te laag zitten… "Corus doet aan verjonging en gaat met zijn tijd mee", haha, gelooft u dat?
Volstrekt overbodig tegen deze achtergrond van teloorgang en ontregeling erg diep in te gaan op onze prestaties. Die waren er namelijk niet. Henk Noordhoek was slechts bezig met het opvullen van gaten ("ja jong, laat die Henk maar schuiven"…) en het verklooien van eindspelen. Dat kwam ongetwijfeld omdat zijn Aljechin "stond als een huis" en het eindspel een sterk punt was in zijn schaakstijl… Tot zijn eigen verbazing wist hij zich echter wel te handhaven in de tweede klasse. "En dat dan weer wel," om met Hans Teeuwen te spreken…
Ben Ahlers, ook uitkomend in de tweede klasse, begon nog behoorlijk tot hij gruwelijk geveld werd door een eng griep-, rochel-en snuifvirus en drie of vier keer achter elkaar kansloos verloor. Hij schaakte als een "loose gun". Op het eind van het toernooi las hij – hoe toepasselijk – horror-verhalen. "This is the story of Edgar Allan Poe, he’ain’t exactly your boy next door" aldus de poppoëet L. Reed…. Degradatie en fors elo-puntenverlies waren zijn bittere lot. Zelfs ik (zijnde toch een notoire aartscynicus) kon niet over mijn lippen krijgen "dat schaken maar een spelletjes is". Ben zou zich met boordcomputer en al van de klippen van Wijk aan Zee (beter bekend als “de Pindarots van Heliomare”) hebben geworpen…
Ron Landsbergen, Jan Busman en Dirk Brinkman: ook zij hadden het moeilijk en soms zelfs zéér moeilijk (degradatie voor Landsbergen en Busman).
Zelf kon ik, door degradatie vorig jaar nu uitkomend in klasse 3, niet tevreden zijn over mijn spel. Hoewel ik op "plus 2" eindigde, deed ik geen moment mee in de top. Ik verloor mijn partij met het anti-Moskougambiet tegen een bejaarde Fransoos ("doe joe hef uh reum?") en won drie moeizame partijen door grove blunders van mijn tegen-standers. Voor de rest was het een combinatie van pielen en harken. Als partij-of toernooistrategie dus niet echt strak..
De collectieve malheur dit jaar kon niet treffender in kaart worden gebracht dan in de volgende scene. Als gezegd beschikt de heer Ahlers thans over een boordcomputer, die naar believen kraakt, piept, zuigt, de was doet en cijfers, wartaal en herrie uitbraakt. Een simpele druk op één van de twee (!) toetsen ("aan" en "uit", juist!) is in principe genoeg om bij wijze van voorbeeld "Black Betty" ("gevalletje van ADHD voordat dat begrip bestond" aldus de heer Ahlers) het zwijgen op te leggen. Dat geldt ook voor het aanzetten van het ding. Dat is voor de meeste gewone mensen dus niet moeilijk. Voor uw reporter, ten deze als co-piloot fungerend, en genoemde gezagvoerder Ahlers echter een te hoog gegrepen opgave. "De lamme helpt de blinde":, dat bleek in deze tijd van Verandering nog steeds een pijnlijk ouderwetse waarheid. Zelfs de diagnose van boordwerktuigbouwkundige Noordhoek vermocht deze wanhopig met de materie worstelende oudere juridisch geschoolde intellectuelen niet te inspireren tot het verrichten van de juiste handelingen in de juiste volgorde op het display.
Tot het ding na verloop van veel tijd spontaan gewoon ineens weer begon te spelen, (piepen, kraken, zuchten). "Ah! God bestaat!!!" (Ahlers). Verdomd, je zou het haast geloven. Ahlers moest dat echter als doorgewinterde scepticus voor de zekerheid toch nog even proefondervindelijk "met de vingers aan de knop" vaststellen….
“Tjezis Gé!”
“Gé, blijft nou met je tengels van die knoppen, Gé, daar komp alleen maar narigheid van , Gé! Dat weet je toch, Gé”
“Als jij vanavond nou eens de piepers schilt, Arie”
“Pieperds Gé? We hebben alleen nog tien mud binten in het opkamertje, naast de kolen, uit de oorlog , Gé!”
“Nou, dan schilt jij die binten toch, Arie”
“Maar wel met de gordijnen dicht, hoor Gé!”
“Goeie god, Arie, ik doet die gordijnen wel toe, hoor Arie”
Enfin: De gebroeders Temmes hadden het duidelijk nog knap lastig, dit toernooi.
Waren er geen leuke of memorabele momenten dan? Wis en waarachtig wel. Die lieve Erica Sziva stond er, met haar boekenstalletje. Het stond voor mij buiten kijf dat er dit jaar zeker bij haar iets gekocht moest worden, na de tragedie
met haar partner, de diepbetreurde, sympathieke Johan van Mil (een groot gemis in de Nederlandse schaakwereld).
Ik kreeg bij aankoop van mijn tweede boek nog speciaal zo maar een bonbon van haar. "Nog van Johan gekregen"
zei ze heel zacht en breekbaar tegen me. Ik had vochtige ogen van ontroering.
|
|||
![]() |
|||



![]() |
![]() |
||



