Middelstum is een plaatsje in het Hoge Land. Aan de andere kant van het Damsterdiep ligt het Lage Land, daar waar de gasbel van Slochteren zich bevindt. . Middelstum heeft een schaakclub en die heet gewoon “Middelstum”. Middelstum heeft volgens de competitiegids een voorzitter en een secretaris die in de stad Groningen wonen. De penningmeester komt uit Delfzijl. Niet bepaald naast de deur! Het kan niet anders of dit moet een bijzondere club zijn. De speellocatie is herberg “In de Valk” aan de Burchtstraat. “Middelstum uit” was onze seizoenopener. Er zijn geen doorgaande wegen door het Lage Land. De tocht voert dus eerst naar de stad Groningen, terug naar het Oosten en dan bij Garrelsweer de afslag naar Westeremden. Per auto precies tweemaal de diagonaal gemeten afstand! Bij de binnenkomst in de herberg viel op dat wij er eerder waren dan de tegenstanders. Wij wachtten even in de gelagkamer, er van uitgaande naar de speelzaal geleid te worden. Mis! Bij binnenkomst van onze gastheren bleek dat ieder gewoon een plekje moest zoeken waar nog een beetje licht op een bord viel. Ieder aan een los tafeltje, onprettig zittende stoelen, geen standaardstukken (je kon van alles op het bord aantreffen). Op basis van een bepaalde hiërarchie namen de Hogelanders een tafeltje in. Met de geluiden uit de keuken van de herberg er bij een gezellige ambiance voor een snelschaak toernooitje! Hoezeer ik mij ook bewust ben van de psychologische valkuilen van het wedstrijdschaak, op deze avond waren de sensoren uit. Om nog even een excuus aan te voeren: ik steek nog al een eind boven het bord uit en met slecht licht, een smalle tafel en mijn bifocale brillenglazen is het zicht op mijn eigen rijen minder. Maar de kiem lag toch in de ambiance. Ik was te ontspannen. Mijn tegenstander opende b2-b4. Nu is er in de pers de laatste tijd nogal wat geschreven over orang-oetangs uit Indonesië. Het had mij niet op het idee gebracht mijn aanpak van die opening nog eens door te nemen. Na niet eens zo veel zetten kon ik een pion winnen. Ik had alleen naar de bovenzijde van het bord gekeken en had geconcludeerd dat wit de pion niet wilde dekken om ruimte te houden. Na het nemen zou ik veel tijd voor hergroepering nodig hebben, maar dat leek haalbaar. Mis! Helemaal mis! Niet gekeken naar e6. Een loperoffer en een koningsjacht. Bijna uit de losse pols gespeeld. Nimmer zo ingeblikt sedert 1967. Mijn tegenstander bekende na afloop dat hij doodzenuwachtig was geweest of het allemaal wel zou kloppen. Als een man op leeftijd was hij binnengekomen. Als een reus ging hij weg. Vijf centimeter groter, gezonde blos op de wangen, kwieke tred, rechte rug. Maar goed dat er geen dopingcontrole is. Want hoe zou deze man kunnen bewijzen dat zijn hogere waarden volledig door extase zijn bereikt? Analyseren? “Nou, heel even, want ik moet weer terug naar Onderdendam”. Waarschijnlijk naar huis gebeld: “ik ben wat eerder toes mien laivert”, “doe de verwarming in de slaapkamer alvast maar aan!”. Snel vergeten is er tegenwoordig niet meer bij. Websites, kranten doen hun werk. Mijn lijdensweg was compleet de zondag erna in de pauze van een concert. Breed lachend kwam de directeur van het theater op mij af: “Doe hest ook verloaren, hè?”