Mijn avonturen tussen de opa’s

Mijn avonturen tussen de opa’s  door Maarten van Zetten

 

Sinds het begin van het seizoen speel ik bij de Haagse club DD. Toen ik op een zaterdagmiddag bij DD ging vluggeren vroeg Happel of ik misschien bij DD wilde komen spelen, wat ik nu dus doe. Het blijft echter wel bij intern, omdat ik het 1e team niet zo gezellig vind en verder vind ik de mentaliteit bij sommige DD-spelers "niet om over naar huis te schrijven".

 

Waarom ik er dan toch speel zult u zich inmiddels afvragen, maar dat is omdat ik er nog veel kan leren, en omdat ik zo wat meer te spelen heb. Ook zijn de oudjes van dagen, gepokt en gemazeld door het harde wedstrijdschaak, niet zo makkelijk te verslaan.

 

Nu speel ik in de kampioenspoule van DD waarin de uiteindelijke nummer 1 clubkampioen  wordt.

Mijn 1e partijtje in de voorronde speelde ik tegen de alom bekende Henk Happel. Een erg aardige man, en bovendien kan hij erg goed schaken, vroeger was hij wel iets beter maar het gaat nu eenmaal achteruit als je wat ouder wordt. Manuel heeft niet zulke goede ervaringen met Happel, daarom zal hij onderstaand partijtje met genoegen na kunnen spelen; dat Happel daarbij in zijn lijfverdediging verslagen wordt zal voor Manuel misschien een minpuntje zijn…

 

Partij 1:  Maarten van Zetten – Henk Happel

 

1. e4 e6 2.d4 d5 3.Pd2 Pf6 (andere mogelijkheden c5, Ld7, Le7 en Pc6) 4.e5 Pfd7 5. c3 c5. 6. f4 (dit is een van de mogelijkheden). Niet zo vaak voorkomend omdat je vaak niet rokeert, en met je koning op f2/g3 gaat staan.) Pc6 7.Pdf3 (beter dan het andere paard omdat je na Pgf3 Db6 problemen op d4 krijgt). Tb8?! Nog nooit gezien, maar een interessant idee. Het zwarte plan bestaat uit b4 doorzetten en de keten aanvallen. 8.Ld3 b5 9. a3! Zwarts plannen worden even stilgezet, b4 kan ik op c5 slaan, en na pakken op c5 10. b3 is Pd4 en Pxb3 een goede mogelijkheid.

 

Happel ging hier in de denktank en koos voor 10. cxd4 11. cxd4 b4 12. Pe2 Db6.Hier keek ik naar mijn stelling en het enige wat ik zag waren drie stukken die ontwikkeld waren, en na pakken op a3 zou mijn structuur niet zo goed zijn. Daarom besloot ik tot 12.f5?!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Happel vervolgde met 12. Le7 Hier was ik bang voor exf5 omdat Lxf5 Pxe5 komt, daarom moet ik het doen met een pionoffer en vage tegenkansen. Praktisch gezien was het wel de beste zet omdat de koning van zwart dan onveilig kan komen te staan, en zwart moet verdedigen ipv mijn keten aanvallen en mijn stelling in de houdgreep proberen te nemen.

 

 

13. fxe6 fxe6 14. Pf4 0-0 Pxe6 is hier de beste zet, maar ook de zet die de meeste kansen geeft voor zwart. Txf3 en Pxd4. Deze stelling in zonder meer beter voor wit, maar ik wilde mijn stukken op het bord houden en in de aanval winnen! h6 16. Pg5?! Na de partij had ik het gevoel een goede aanvalspartij gespeeld te hebben, Dit blijkt tegen te vallen, het paard kan gewoon geslagen worden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ik zou nu tien varianten neer kunnen zetten, maar dit is een leesverslag en geen variantenboom, daarom zou ik zeggen als u het al een leuke stelling vind, pak er een bordje bij en speel het na en ontdek of u wel de weerlegging zou hebben gevonden!

 

 

Pxe5 17. Lh7+ Kh8 18. dxe5 Pxe5 19. De2! Dreigt Dxe5 en Pg6#. Daarom Ld6! Hier begint Happel op te leven en kleine vervelende trucjes in de stelling te brengen. Dxe5? Txf4 en zwart doet weer mee! 20 Lb1! Hier wilde ik mat gaan zetten op h7, daarom even een batterijtje bouwen en mat zetten!

La6 21(Dxe5) Lxe5 Pg6+ en Pe7+ was een leuk eeuwig schaak geweest en een betere uitkomst van de partij. 21. Dc2 Pd3+ 22.Pxd3 (g6 was een goede verdediging geweest nog). Tbc8 23. Pc5! Tf5 24. Pgxe6 Db5 25. Dd3 1-0

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Er blijven nog wat stukken hangen bij zwart, en Happel was bijna door de vlag.

 

Deze partij was meer een incorrect offerfeest wat per toeval doorsloeg, dan een goeie partij.

 

 

Partij 2:  Maarten van Zetten – Wim Reimer

 

 

 

 

Deze stelling ontstond in de laatste rapidronde bij DD. Mijn tegenstander was Wim Reimer.

 

Zwart is aan zet en Reimer vervolgde overenthousiast met 1. …c4? Na 2. dxc4 Lxe4 3. f3! (geen Lxg2 rotzooi toelaten) Lf5 4. Dxd6 f6.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hier had ik het gevoel dat er na Lxf6 een geforceerde winst in moet zitten. En na een minuutje rekenen bleek dat te kloppen:

5.Lxf6 gxf6 6. Dxf6 Tf8 7. Dxe5 Kd7 8. Td1+ Kc8 9. Dc5+ Kb7

10. Dxb4+ Kc7 11. Dd6+ Kb7 12 c5! Alle stukken mogen meedoen!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

12. … Pc6 13. Ld5 Tc8

14. Lxc6 Txc6 15. De7+ Tc7

(anders win ik de loper)

16. c6! Kb8

En na 17. Td8+ Lc8 18. Db4+ Ka7 19. Da5+ Kb8 20. Db6 1-0.

Hier mompelde Reimer iets van: "Ja dat waren wel erg veel pionnen".

Normaal gaat Reimer altijd door als hij een paar stukken achterstaat, daarom was ik blij dat ik hem mat kon zetten.

 

Tot zover mijn avonturen bij DD, en als de kampioensgroep afgelopen is zal er een nieuw artikel verschijnen over mijn verdere avonturen.

Scroll naar boven