P1 wint met 6½-1½

Het inmiddels gebruikelijke verslag van Manuel Nepveu:

Karakter                                                                                                

Neen, dit relaas gaat niet over het beroemde boek van Bordewijk. Het zal gaan over de strijd. De compromisloze strijd. Over het moeten winnen. Over Het Eerste dat gebutst en gedeukt aan de voorlaatste ronde van de KNSB-competitie begon. Nou ja, een bordsgewijs verslag van de wedstrijd, een slaapverwekkend soort opstelletje van een tienjarige, gaat dit niet worden. U kent mij.

Ik behandel slechts twee aspecten van de strijd.

Ben speelt aan bord zeven. Hij moet tegen een meiske dat, gezien de info in de ratinglijst, pijlsnel aan schaaksterkte wint. Ben staat aanvankelijk wel aardig, maar dan gaat er iets mis. Het meiske krijgt een stelling waarin Ben niets meer te vertellen lijkt te hebben. Uw scribent had de nul al geteld. Ben houdt vol, werpt probleempjes op. Het meiske doet kennelijk iets fout. Uw scribent weet niet wat, want hij was even aan het genieten van een sigaar. Er komen waterlanders bij het meiske. Uw scribent wilde het luid uitschreeuwen van genot. En iets roepen dat hij hier niet gaat opschrijven – dat zou misschien voor de tweede achtereenvolgende keer een fijngevoelig clublid wegjagen. Ben wint. Omdat hij bleef schaken. Karakter.

Berlijn. Halve marathon op 3 april. Jan Willem wil meedoen. Vrouwlief neemt enkele dagen van tevoren reeds het vliegtuig. Jan Willem niet. Hij moet schaken. Op zijn verjaardag. Hij zal des avonds pas het vliegtuig naar de Duitse hoofdstad nemen. Wat het zwaarst is moet het zwaarst wegen. Plichtsgevoel. Teamspirit. Wit aan bord zes. Partij uit een stuk, 1-0.

Koffers gepakt en op naar het vliegveld. Karakter. De Man of the Match is natuurlijk Jan Willem.

Vanwege enige achtergrondkennis hoop ik dat onze tegenstanders de laatste alinea ook lezen. Zo sadistisch ben ik wel. U kent mij.

Scroll naar boven