Paul C. Morphy

Een jaar of acht geleden vroeg men mij eens naar mijn favoriete schaakspeler. Het antwoord luidde toen Alexander Morozevich en wel vanwege zijn onorthodoxe, inventieve, fantasierijke en aanvallende speelstijl die mij toen en nu nog steeds, erg aansprak. ‘Moro’ inmiddels 34, speelt ondertussen al weer 17 jaar op het hoogste niveau en behoort nog immer tot de top 15 van de wereld. Nadat ik enige jaren later de tijd had om alle (voor zover bekend) 470 partijen van Paul C.  Morphy na te spelen, ben ik nu ook tot een andere favoriet bekeerd geraakt want zelden heb ik zo intens van schaakpartijen genoten als die van deze zeer bijzondere Amerikaan, 175 jaar geleden geboren in New Orleans op 22 juni 1837

Het is eigenaardig dat er bij de meeste amateurs, met name onder de jongeren, bij het noemen van de naam Morphy niet gelijk een groot licht gaat branden terwijl de speelwijze van deze legendarische schaker toch een enorme aantrekkkingskracht en stimulans op hen zou moeten uitoefenen.

Morphy’s op positionele gronden gestoelde onbevangen aanvalsstijl, zijn speeltechniek gebaseerd op een snelle ontwikkeling van stukken en het dikwijls via offers openen van lijnen, bevestigde zijn grote superioriteit waardoor hij zijn tijdgenoten tientallen jaren vooruit was. Ook in verdedigend opzicht legde hij een grote slagvaardigheid aan de dag.

Morphy was een zoon van een vermogende familie. Een wonderkind die in 2 jaar tijd al op 18 jarige leeftijd cum laude afgestudeerde in de rechten maar volgens de wet nog 3 jaar moest wachten om als advocaat te mogen optreden. Hij begint, om die tijd te overbruggen, zich verder te verdiepen in het schaakspel dat hij als 10 jarige heeft geleerd en wordt, door het spelen van enkele toernooien waarbij hij iedereen verslaat, zò door de magie van het spel betoverd dat hij in 1858 op 21-jarige leeftijd naar Europa vertrekt, om daar de groten w.o.  Anderssen, Staunton, Loewenthal en Steinitz te kunnen ontmoeten.

Twee jaar lang heeft Morphy daar de gevestigde orde (tegen Steinitz is het er nooit van gekomen) via vaak briljante partijen de oren gewassen waarna hij in 1859 terugkeert naar Amerika alwaar hij als een volksheld wordt ontvangen. Via de kranten heeft men kennis kunnen nemen van zijn prachtige spel en kent iedereen daar zijn naam. De uitgebroken secessie-oorlogen beletten Morphy echter een advocatenpraktijk te beginnen, het schaken verliest geleidelijk aan zijn interesse en hij wordt uiteindelijk bezeten door de kwellende gedachte dat zijn leven verknoeid en zonder inhoud is. Zijn toch al matige gezondheid gaat verder achteruit en hij brengt zijn daarop volgende jaren door in het ouderlijke huis, verzorgd door zijn moeder en zuster tot aan zijn dood op 10 juli 1884, slechts 47 jaar oud. Met Morphy was behalve een geniale schaker ook een zeer beminnelijk, bescheiden en grootmoedig mens heengegaan. Gedurende zijn aktieve schaakleven behaalde Paul Morphy het ongekende winstpercentage van 84,9%. Hij staat te boek als officieus wereldkampioen periode 1858–1862. Alle partijen van hem zijn eenvoudig op internet gratis te downloaden.

Om het tot wereldkampioen te kunnen schoppen heeft een schaker in mijn visie de volgende eigenschappen nodig c.q. zal hij in de volgende omstandigheden dienen te verkeren :

1. fotografisch geheugen 

2. obsessieve fascinatie hebben voor het spel 

3. buitengewoon hoog ontwikkeld beeldend voorstellingsvermogen gekoppeld aan creativiteit en inventiviteit 

4. bovengemiddelde aanleg

5. gevoel voor logica en analytisch denkvermogen

6. sterke evenwichtige psyche en goede lichamelijke gezondheid

7. dominerende en charismatische uitstraling 

8. ‘Killers’ mentaliteit

9. opofferingsgezindheid en discipline 

10. bij voorkeur ongebonden zijn

11. een  goede trainer/manager 

12. er een gematigde levenswijze op na houden

Of Morphy, even afgezien van de verschillen in ‘tijdsbeeld’, zich tussen het illustere tiental Anand, Kramnik, Kasparov, Fischer, Karpov, Tal, Botwinnik, Aljechin, Capablanca, Lasker en niet te vergeten de huidige kroonprins Carlsen, had weten te handhaven blijft een open vraag. Ik denk dat Garry Kasparov, mijns insziens de sterkste schaker aller tijden (met Carlsen als zijn zeer waarschijnlijke opvolger), samen met Fischer en Karpov toch het meest aan bovenstaande criteria voldeden.

Morphy had een te broze gezondheid en psyche. Hij was ook een gentlemen ‘optima forma’ voor zijn tegenstanders en, zoals hijzelf ooit eens verklaarde: ‘I am only playing for the beauty of the Game’. Hij had dus niet echt de ambitie om van het schaken zijn beroep te maken. De Hongaarse meester Geza Maroczy schreef ooit een Morphy-biografie met daarin de onvergankelijke woorden: ‘de goddelijke vonk in zijn ziel ontbrandde met natuurkracht tot een heftige vlam: hij volgde de verlokkingen van de zeemeerminnen, wierp zich in hun armen en bleef er met onverbrekelijke ketenen voor eeuwig aan vast gekluisterd ’

Paul C. Morphy,…..a Genius and a Myth….. and also…..the Pride and the Sorrow of Chess !

Hierbij een voorbeeld van Morphy’s kracht tijdens een blindschaaksessie op 8 borden tegelijk gespeeld in Londen,

op 13 april 1859.

1.e4 e5 2.f4 exf4 3.Pf3 g5 4.Lc4 g4 5.d4 De7 6.O-O gxf3 7.Pc3 c6 8.Dxf3 Lg7 9.Lxf4 Lxd4+ 10.Kh1 Lg7 11.e5 Lh6 12.Pe4 d5 13.exd6 Df8 14.Tae1 Le6 15.Lxe6 fxe6 16.Dh5+ Kd7 17.Pc5+ Kc8 18.Lxh6 Pf6 19.De5 Pbd7 20.Pxd7 Dxh6 21.Txf6 Dh4 22.Pc5  1-0

Scroll naar boven