Sportconsumentisme

In Garderen op de Veluwe werd vorige week het SPORTNEXTevent gehouden. Dat is een congres voor sportmarketeers, waar sportbestuurders en wetenschappers welkome gasten zijn. De centrale thema was het sportconsumentisme.

Twee woorden in de vorige alinea zijn cursief. Normale schakers houden het meestal voor gezien als ze die woorden lezen en gaan over tot de orde van de dag (Najdorfvariant, blitzpartijtje). Maar pas op! De sportmarketeers komen.

Zoals het gaat op zulke congressen, zijn er na een plenair gedeelte parallelsessies. Eén daarvan had de titel “Ondernemerschap en het Epke-effect” en werd gepresenteerd door mensen van het KNGU. Het was erg leuk om te zien hoe de gymbond reclame voor zichzelf maakte met gouden Epke. Het filmpje is op YouTube terug te vinden.

We kwamen Epke die dag meer tegen. Een sportmarketingpsychologe die een groot nummer maakte van het algemeen bekende feit dat een groot deel van de keuzes die mensen dagelijks maken onbewust is, gebruikte onze Olympische held om goede en verkeerde associaties in de reclame te laten zien. Een goede associatie ontstaat als een bekende sporter in verband wordt gebracht met iets dat bij hem hoort, maar als de sporter helemaal niets heeft met het product, dan krijgt de consument een slecht gevoel. Epke met gehandicaptensporters kan, Epke in Friesland kan, Epke in een doktersjas kan ook (want iedereen schijnt te weten dat hij medicijnen studeert), Epke op de Gazelle kan nog net (Pelle zou het beter doen), maar Epke aan de koffie of Epke met een nieuwe kledinglijn gaat beslist niet.

De gymbond is bezig met een gigantische commercialiseringsoperatie. De hele organisatie wordt geschoeid op ondernemerschap. Gymnastiekverenigingen worden omgeturnd tot distributienetwerken waar het product gymnastieksport wordt geëxploiteerd. Hun leden worden benaderd als consumenten. Niet alle verenigingen willen daar nog aan meedoen, maar het bondsbureau doet zijn best om hen erbij te betrekken. Aanleiding voor deze operatie: een fors ledenverlies in 2010 en 2011 (-5,77%).

“En hoe zit het met de clubliefde?”. Er wordt diep nagedacht over sense of membership en de balans tussen ownership en access.

De schaakbond moet zich ook aanpassen aan de maatschappelijke veranderingen, maar ik denk niet dat het zo’n vaart zal lopen als bij de KNGU. Epke achter het schaakbord geeft geen goede associatie.

Volgens ons bondsbureau en het KNSB-bestuur moeten we meer gebruik maken van internet. Ik ben het daar mee eens. De concepten van de jaren 80 werken niet meer als je als schaaksport wilt overleven. Het SPORTNEXTevent leverde een goede tip op. Een wetenschapper had uitgezocht dat sporten die op internet succesvol willen worden, allereerst moeten zorgen dat er een game van hun sport komt. Dat lijkt me een prachtige uitdaging voor een schaakminnende wizzkid: een game maken waarin schaken een belangrijke rol speelt. Zie je een matje over het hoofd, ben je een leven kwijt. Maar als jij die oogverblindende spetter mat zet ….

Spannend, en je zou er wel eens heel goed van kunnen leren schaken.

Scroll naar boven