Tata Steel 2011 – wat een toernooi!

Tata

2

Tata Steel 2011 – wat een toernooi!

Harrie

Boerkamp

 

 

In een vorig schaakleven speelde ik elk jaar in de zomer het IBM-toernooi in Amsterdam. Daarvan ken ik de combinatie van een top-grootmeestertoernooi en tegelijk gehouden tienkampen voor amateurs. Ik weet nog hoe ik eens schrok, toen ik opkeek van mijn bord en zag dat niemand minder dan Tigran Petrosian in diep gepeins naar onze stelling stond te kijken. Later kregen het gezinsleven en het werk prioriteit, de vrije dagen waren te kostbaar om door vader alleen te worden geconsumeerd. Maar nu zijn de kinderen zelfstandig, ze hebben mij niet meer nodig als standaardgezelschap. En dus heb ik dit jaar eens meegedaan met het Tata Chess toernooi in Wijk aan Zee.

 

Wat een toernooi! Wat een sfeer. Geweldig om een tijdlang alleen maar met schaken bezig te zijn, dag in dag uit. Opgaan in een volledige schaakroes. Zij aan zij met de wereldtop. ’s Morgens op je gemakkie opstaan, koffie, beetje in de krant snuffelen, spullen in de tas, 12:00 uur sharp klaar staan, en daar komt Rens weer aanscheuren met zijn luxe Audi A5. In de auto kletsen we alles aan elkaar, natuurlijk over schaken: elkaars partij van gisteren, de geplande opening van vandaag, de verrichtingen van de grote jongens, al die grappige clubgenoten. Maar meer nog over andere zaken: het vrije leven als single, de wederwaardigheden van het hebben van een eigen bedrijf, geheime liefdes, je loswerken uit een streng religieus milieu, de kunst om een lang huwelijk leuk te houden (niet gelukt). De route is meestal te kort om alles te bespreken. Dan duiken we de gekte weer in. Al die nietsziende schakers, die je gewoon omver lopen, al balanceer je net met koffie en gevulde koeken. Vertrouwd terrein. De eigen groep geeft elke dag meer tekenen van herkenning. En dan volgen weer uren superconcentratie, iedereen wil hier wat presteren, je neemt geen anderhalve week vrij om wat slappe remises te spelen. Tussendoor een beetje de negen clubgenoten volgen en af en toe een glimpje grootmeester opvangen. Na afloop elkaars partij doornemen en dan tot een uur of acht kijken of Smeets dit keer zijn slechtstaande eindspel wèl kan houden. Vaak vergeten iets normaals te eten. Direct na thuiskomst op internet de uitslagen van de groepen kijken, verslag van de grootmeestergroepen lezen, je eigen partij door Fritz halen, er is echt geen tijd voor andere dingen. O, is het zondag vandaag? Derde ronde.

 

Dan over mijn schaakpartijen. Veel mensen laten van zo’n toernooi hun mooiste partij, of desnoods hun best gelukte zettenreeks zien. Met de bedoeling diepe indruk te maken op de ander. Maar wij weten toch wel beter. Het is diezelfde ontroerende poging tot zelfvereeuwiging, die mensen aanzet tot het verzamelen van hun beste partijen (en soms zelfs de notatie van de overige door de WC doet spoelen). Wat moeten we daar mee? We kunnen toch moeilijk postuum een partijenselectie publiceren van een notoire krabbelaar van 2100 of erger? Nee, ik zie een schaakpartij niet als een kunstwerk, al dan niet geslaagd. Het schaken is een sport, een strijd, waarin je met alle toegestane middelen de tegenstander onderuit probeert te halen. Om beter worden in die strijd is een niet aflatende geestelijke training nodig. In hardheid, in concentratie, in stressbestendigheid, in coolness. Ik was daar dit toernooi tevreden over. Ik kwam nogal eens in ellende terecht, maar ik heb veel halve en hele punten bij elkaar kunnen knokken. Door de FIDE ben ik hiervoor inmiddels zelfs gecomplimenteerd met een rating van 2030.

 

Dat je niet goed hoeft te spelen om zo’n rating te bereiken, zal ik nu laten zien.

In de 1e ronde een walk-over tegen een in Luxemburg wonende speler, die waarschijnlijk nog moe was van de lange autotocht. In de 2e een gelijkwaardige remise.

In de 3e ronde mocht ik met wit tegen de op papier zwakste deelnemer. Hij pakte mijn Morra-gambiet op een rare manier aan, maar ik reageerde niet goed en de volgende stand kwam op het bord:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Harrie Boerkamp – Paul de Rooi

Tata Chess tienkampen, 23 januari 2011

 

Stand na 13… g5

 

Zwart heeft hier het bizarre 13. …g5 gespeeld. Nadat ik eerst blij was opgeveerd, begon ik allerlei spoken te zien. Ik durfde met de loper niet naar e3 wegens de latente vork … d4 en wegens pionverlies na 14 Le3 g4 15 Pd4 Pxe5. Maar ik win er dan juist eentje met 16 Pxe6 fxe6 17 Ld4. Na 14 Lg3 of 14 Ld2 zag ik allerlei narigheid met … g4 en … d4 of … Pd4, maar je kan moeilijk blijven staan.

Na 14 Lg3 g4 15 Pe1 Db6 dreigt er van alles.


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Stand na 15 … Db6

 

Plotseling zag ik de reddende zet: 16 Db5. Maar na 16… d4 17 Dxb6 axb6 18 Pe4 Lc4 haalde hij doodleuk mijn ingesloten toren op. Wit heeft helemaal niets voor de kwaliteit.

 

OK, dan maar op karakter verder. Er volgde een eindeloos gemanoeuvreer, waarin ik gelukkig kon compliceren. Hij deed het een paar keer fout en ik won de kwaliteit terug. Opgelucht bood ik remise aan in een stelling, waarin hij kon kiezen tussen pluspion weggeven of herhaling van zetten.

 

Hij kon het niet verkroppen en speelde door. Toen mishandelde hij het resterende paardeindspel zo gruwelijk, dat hij in no time verloor. Kijk, als je ook slechte partijen wint, ga je ver komen.

 

In de 4e ronde een meeslepend gevecht tegen Frans Erwich, vader van een IM en een FM. Ik had een stuk gekaapt, maar hij bleef me maar bestoken, een vindingrijk man.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Frans Erwich – Harrie Boerkamp

Tata Chess tienkampen, 24 januari 2011

 

Stand na 27 Lb4

 

In plaats van een gezonde verdedigingszet als 27 … Tg6 te doen, ging ik nu met de koning lekker in de penning staan: 27… Kc7. Direct nadat ik de klok had ingedrukt, zag ik 28 c4, waarmee mijn grote voordeel in een onverdedigbare ruïne zou veranderen. Hij zag het echter niet!

 

Na 28 Te7 Tg6 29 Txf7 Kb6 30 Txd7 Pe4+ stond het zo:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Stand na 30 Pe4+

 

Ik had weer geluk: als de koning naar de e-lijn of de g-lijn gaat kan hij na mijn 31..Dxd7 het paard niet slaan op straffe van dameverlies. En op 31 Kf1 volgt 31..Tf6 met 32 Dxf6 Dc4+ en 32 Txd5 Txf4+. In arren moede koos hij voor 31 Kf3, maar dat hielp ook niet: 31..Pg5+. Weer een puntje erbij.

 

In de 5e ronde ging het met wit opnieuw helemaal mis in de opening.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Harrie Boerkamp – Werner Möller

Tata Chess tienkampen, 25 januari 2011

 

Stand na 1. … .a6

 

Na een te optimistisch pionoffer dreigde ik na 14 Pa3 b5 15 Lb3 e5 definitief begraven te worden. Dus gooiden we maar een stuk op het vuur. 14 0-0 axb5 15 Pxb5 e6 16 Ld6. Nu waren er wel tien kruip-door-sluip-door zetten beter volgens Fritz, maar zwart koos ervoor een kwal terug te geven. Na 16..Lxd6 17 Pxd6+ Ke7 18 Pxc8+ Txc8 stond ik met een toren tegen twee reuzepaarden nog steeds totaal verloren.

In wederzijdse tijdnood trapte hij echter in een blufje en ik bereikte een toreneindspel met allebei drie pionnen op de koningsvleugel en een vrijpion voor hem op de b-lijn. Na dertig zetten keepen hield ik dat remise. Tja, en zo stond ik op 4 uit 5.

Dan ga je in de 6e ronde met zwart tegen de medekoploper natuurlijk lekker op winst spelen, er kan me dit toernooi toch niets gebeuren! Het zal Manuel deugd doen, dat ik daarvoor het Albins tegengambiet uit de kast trok. Wit zette het goed op, maar vergiste zich plotseling ernstig.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Patriek Tromp – Harrie Boerkamp

Tata Chess tienkampen, 26 januari 2011

 

Stand na 19 Ld2

 

Je kan nog zien wat er gebeurd is: hij heeft me op e3 laten inslaan, pion achterstand wordt pion voorsprong. Het vervolg was 19..Dxf2+ 20 Kd1. En nu durfde ik 20 …Txg2 niet te doen, omdat ik na 21 Te1 geen veilige plek voor mijn koning zag. Op f8 wordt ie immers bezocht door Lh6. Fritz wees me er later op dat de koning ook g8 tot zijn beschikking krijgt. En verder kan zwart altijd … Td8 doen en de koning met … Pe7 beveiligen.

Ik speel het slappe 20..Dd4. Na 21 Tb1 Td8 22 Dxd4 Pxd4 staat zwart nog steeds heel goed, maar in wederzijdse

tijdnood was hij gehaaider: remise. Voor het eerst had ik niet het maximale uit een stelling gehaald.

 

In de 7e ronde aantreden tegen een jeugdtalent. Ik pakte met wit een slappe Franse opzet (of is dat een pleonasme?) voortvarend aan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Harrie Boerkamp – Martijn Otten

Tata Chess tienkampen, 28 januari 2011

 

Scroll naar boven