The answer is blowing in the wind…”

Als U deze column leest is het ongeveer een maand geleden dat een alom gerespecteerde, sterke schaker van BSG overleed, omgekomen in Zwitserland. Ik sloeg in mijn krant de overlijdensadvertenties op en daar stond zijn naam. Precies twee dagen daarvoor had ik mijn krant ook al opgeslagen bij de bewuste pagina en daar herkende ik toen onmiddellijk de naam van een klasgenoot van me. We hadden samen in de twee hoogste klassen gezeten van wat toen nog de lagere school heette. Ook in de eerste twee klassen van de middelbare school waren we klasgenoten. Hij was overleden, 53 jaar oud.
In twee dagen tijd twee personen overleden die ik kende, zij het op een afstand. Je krijgt er allerlei rare gedachten door. Ik zeker.
Bijvoorbeeld deze: stond het op … juni 1952, toen Freddie werd geboren, reeds vast dat hij op … augustus 2005 zou overlijden? Begrijp mij goed, voor mij is dit geen religieuze vraag, maar een (natuur)wetenschappelijke. Ik stel me voor dat een Superieure Geest van Laplace (zie mijn column van 4 okt. 2003), die alle nodige gegevens van dat moment bij de hand had -wat die ook zouden zijn- in principe zou kunnen berekenen wat de overlijdensdag van Freddie zou worden. Mensen kunnen dit gelukkig niet, maar zouden gegevens die op Freddie’s geboortedag voorhanden waren zo’n conclusie in principe toelaten? Je kunt je er vlot vanaf maken met de opmerking dat de kwantummechanica dit “verbiedt”, maar dat antwoord is veel te kort door de bocht. Gelooft U mij.
Het genoemde breinbrekertje is direct verbonden met het probleem van de “vrije wil versus determinisme”. Het is een oud, stokoud probleem. Klassieke filosofen lusten er wel pap van. Een jaar of wat geleden, maar beslist niet in de buurt van 1 april, hoorde ik het volgende.
In neurologische experimenten werden bij de proefpersonen in de hersenen al activiteiten om spieren in beweging te zetten gemeten VOORDAT de betreffende personen de wil opvatten om die spieren ook inderdaad te gebruiken! Ik ben helaas vergeten hoe dat laatste deel kon worden vastgesteld, maar als het hout snijdt zou men dit onomwonden een kras resultaat kunnen noemen.

Wanneer ik nu naar de schaakclub ga, staat het dan al vast hoe de partij eruit zal zien die ik tegen Bernard zal spelen? Staat het vast dat Harrie op zet negentien een volledig incorrect dameoffer zal plegen? Dat Wong zo zal gaan walgen van een vieze kop thee, dat hij van de weeromstuit een Chinese kamikaze-actie uitvoert, die vervolgens goed uitpakt omdat tegenstander John de KNIL-soldaten voor zijn koning in paniek clowneske capriolen laat uitvoeren?
Gelukkig word ik van deze gedachtetjes helemaal niet depressief. Misschien stond het in de tijd dat de grote hagedissen uitstierven, 65 miljoen jaar geleden, al volkomen vast dat ik op deze dag nu eens niet van onze Fide-meester ga verliezen. Ik weet van niets. Ik ben misschien wel een marionet in het grote circustheater dat Heelal heet, maar ik denk zelf dat ik de vrije wil heb om vreselijk goede zetten te doen en dat Bernard de vrije wil heeft om het tegen mij eens lekker gemakkelijk op te nemen, zodat hij de fout in gaat.
Ach, waar een paar overlijdensadvertenties in de krant al niet toe leiden. Ik maak me natuurlijk niet echt druk om het genoemde probleem. Waarom dan niet? U zult het uit mijn somtijds wat hooghartige mond bijna niet willen geloven: nederigheid, niets dan nederigheid. Want, the answer, my friend, is blowing in the wind…

Scroll naar boven