In de partij tussen Jon Ludvig Hammer en Veselin Topalov in het Norway Chess toernooi gebeurde enige dagen geleden het volgende.
Zwart heeft net 1.., Kf7-e7 gespeeld. Wit dacht echter dat zwart wel 1.., Lb8 zou spelen, waarna hij met 2. Kc6 remise zou maken. Echter, na 1.., Ke7 verliest dit.
En ja, wit speelde inderdaad na 1.., Ke7 de zet 2. Kc6?? En na 2.., Ke6 gaf hij op. De witte pionnen vallen en zwart houdt pion g6 over. Zo won Topalov.
Na 1.., Ke7 had wit de laatste zwarte pion kunnen elimineren met 2. f5 gxf5 3.Ke5.
U begrijpt nu waarom ze zeggen dat de toernooiwinnaar vaak geluk heeft. (Overigens is Topalov nog niet de winnaar).
