Meijer,J
VIER PUNTEN
Bernard Bannink speelde in Leiden tijdens de ‘vier punten’ wedstrijd tegen LSG verreweg het beste schaak. Hij besliste zijn partij op originele wijze.
Bannink, B – Oei, I (Leiden, 05-01-2002)
1.d4 Pf6 2.Pf3 e6 3.Lg5 c5 4.c3 b6 Deze stelling komt in de database van Willem Broekman ongeveer 120 keer voor. De score is 53% voor wit. 5.e4 h6 Gebruikelijker is hier 5…,cxd4. 6.Lxf6 Dxf6 7.Ld3 Lb7 8.0-0 Dd8 Tot zover is deze stelling alleen door grootmeester Iosif Dorfman gespeeld. 8…Dd8 9.Pbd2 Le7 10.dxc5 Lxc5 11.e5 0-0 Zwart had 11…,d5 moeten spelen om de zwakte op d6 te elimineren. 12.Pe4 Le7 13.De2 Dc7 14.Tad1 Kh8 15.Tfe1 Pc6 16.Lb1 Tad8 17.Pd6 La8 18.h4 Op de clubavond liet Bernard zien dat et 18.De4 g6 19.Ph4 onmiddellijk had gewonnen. 18…f5 19.exf6 gxf6 20.Pg5
WyyyyyyyyX
xEaAcAcAgx
xbAfBeAaAx
xAbDjBbAbx
xaAaAaAjAx
xAaAaAaAhx
xaAhAaAaAx
xHhAaLhHax
xaKaIiAmAx
ZwwwwwwwwY
Een schitterende zet. Zwart verliest op slag. 20…Kg7 21.Dh5 f5 22.Txe6 Lxg5 23.Tg6+ Kh7 24.hxg5 1-0
Mijn partij aan het vijfde bord oogde op het eerste gezicht niet onaardig. Tijdens de partij had ik echter al gezien dat daar het een en ander op af te dingen was. Ik beperk me hier dan ook tot het eindspel.
Meijer, J.W. – Sikkel, D (Leiden, 05-01-2002)
WyyyyyyyyX
xAaAaAaAax
xaAaAdAgAx
xAdAbAaBax
xbAaHbAaBx
xAbAaHaAhx
xaAaAmAaAx
xHhAjAaHax
xaAjAaAaAx
ZwwwwwwwwY
31.Pcb3 Het alternatief is 31.Kd3. 31…a4 32.Pa5 Kf6 33.Pdc4 Pec8 34.Pxb6 Wederom is het alternatief 34.Kd3 met als dreiging 35.Pc6. Of deze voortzetting betere kansen had geboden is echter een open vraag. 34…Pb6 35.Kd3 g5 36.g3 gxh4 37.gxh4 37.Kf7 Zwart had beter met 35…Pd7 gevolgd door 36…Pc5 voor de tegenaanval kunnen kiezen. Na 37.Kc4 Pc5 38.Kxb4 Pxe4 39.Pc4 ontstaat dan een stelling die zeer lastig te doorgronden is. 38.Pc4 Pc8 39.Pe3 a3 40.bxa3 bxa3 41.Pc4 Direct winnend is 41.Pf5 en wit heeft de zwarte stelling in houdgreep. Zo volgt op 41….Ke8 42.Pg7 en wit verovert de h-pion. 41…Ke7 42.Pxa3 Pb6 43.Pc4 Pa4 44.a3 Pc5+ 45.Ke3 Kd7 46.Pd2 Kc7 47.Pf1 Nd7 48.Pg3 Pf6 49.Kd3 Kb6 50.Kc4 Ka5 51.Kb3 Pd7 52.Pxh5 Pc5+ 53.Kc4 Pxe4 54.Pg7 Pf6 55.h5 Ka4 56.h6 Ph7 57.Pf5 1-0
Laat in de middag stond er bij Ben Ahlers een niet al te eenvoudig toreneindspel op het bord. De volgende dag ontdekte ik dat Ben vanuit de diagramstand simpelweg had kunnen winnen. Hoe had Ben zijn tegenstander snel tot opgave kunnen dwingen?
WyyyyyyyyX
xAiAaAaAax
xaHaAaAaAx
xAaAaBaAax
xaAaAgBaBx
xAaAaBaAhx
xaAaAhAhAx
xAaAaAhMax
xaCaAaAaAx
ZwwwwwwwwY
Ahlers, B – Ketel van, R (Leiden, 05-01-2002)
1.g4! fxg4 Gedwongen omdat anders de witte h of de g-pion doorloopt. 2.Th8 Txb7 3.Txh5 Kd6 4.Tg5 Zwart staat nu voor een hopeloze opgave. Een voorbeeld. 4….Tf7 6.Txg4 Ke5 7.h5 Th7 8.Th4 Th6 9.Kg3 Kf5 10.Tf4 Kg5 11.Tg4 Kxh5 12.Th4 Kg6 13.Txh6 Kxf6 14.Kf4 Kg6 15.Kxe4 Kf6 en het pionneneindspel staat gewonnen voor wit.
Gewoonlijk plaatst zwart in bovenstaande stelling zijn koning op g7 in plaats van op e5. Zwart kan dan met zijn koning tussen g7 en h7 heen en weer pendelen. De vraag die dan rijst is of wit ook die stelling kan winnen? Ik denk van wel. Ben gaf zijn partij vele zetten later remise. Enerzijds omdat hij de winst, als die toen nog in de stelling zat, niet kon vinden en anderzijds omdat Promotie genoeg had aan remise om de wedstrijd tegen LSG te winnen.
Dankzij remises van Ben Ahlers, Sjaak Sibbing en Ton de Waal en winstpartijen van Jan van de Bergh, Bernard Bannink en mijzelf wonnen we de wedstrijd tegen LSG met 4.5 tegen 3.5. Henk Noordhoek en Manuel Nepveu verloren beiden hun partijen. Met ‘vier punten’ op zak konden we terug naar Zoetermeer.
Hans Meijer.
