De vlag valt à verloren of remise
De vlag valt à verloren of remise ? L Rob de Vries
In elke scheidsrechtercursus en in elk artikel over dit onderwerp worden voorbeelden gegeven, maar in de praktijk komt het zelden voor…? Maar niet zo zelden of iedereen (speler of arbiter) krijgt er vroeg of laat toch wel eens mee te maken. Zo onlangs Jan Busman, in de wedstrijd Promotie 4 – BF/Wassenaar 2. Laatste partij, bij de stand 3½-3½! Pikant detail: Jan volgt momenteel de KNSB-cursus "wedstrijdleider A", maar was ziek toen dit onderwerp daar werd behandeld!
Waar dit over gaat? Als Uw vlag valt (we hebben het over het HSB-tempo, dus 1:45 uur voor de gehele partij) dan heeft U verloren (dat wist U), TENZIJ Uw tegenstander U onmogelijk mat zou kunnen zetten (dat wisten velen van U nog niet, gezien de reacties in de zaal). Hij kan U mat zetten als hij zogeheten "mat-potentieel" heeft, waarmee hij theoretisch een matstelling kan bereiken. Dat dit in de praktijk wellicht alleen mogelijk is als U daaraan meewerkt door zeer slechte zetten te doen, dat doet er niet toe; als het mat mogelijk is, dan verliest U vanwege die gevallen vlag, zo niet dan is het remise.
Jan Busman dacht (toen zijn vlag viel) dat het remise was (de tegenstander had nog slechts een loper), maar omdat hij (Jan) nog 1 pion had die theoretisch tot paard kon promoveren dat vervolgens op een ongunstig veld zou kunnen gaan staan, had de tegenstander zogeheten mat-potentieel en kon theoretisch een matstelling bereiken (zie voorbeeld in de tabel op de volgende pagina).
Dus: 1-0 voor de tegenstander (en 3½-4½ in plaats van 4-4 voor het team)!
Dit alles staat in artikel 6.10 van het FIDE-reglement (cursieve gedeelten toegevoegd door bovengetekende):
|
Artikel 6.10: Als een speler het voorgeschreven aantal zetten niet heeft voltooid in de toegewezen bedenktijd, dan is de partij voor hem verloren, tenzij artikel 5.1a (mat), 5.1b (opgegeven), 5.2a (pat), 5.2b (dode stelling) of 5.2c (remise overeengekomen) van toepassing is. Als de stelling echter zodanig is dat de tegenstander de koning van de speler nooit mat kan zetten, door welke reeks reglementaire zetten dan ook (zelfs bij het slechtst mogelijke tegenspel), dan is de partij remise.
|
In de tabel op de volgende bladzijde is dit nader uitgewerkt in een aantal voorbeelden.
Let op: Dit is iets heel anders dan het zogenaamde "remise claimen" (volgens het beruchte artikel
10.2) als Uw tegenstander U "door de vlag probeert te jagen" (dat hier al eens eerder is behandeld),
en ook iets heel anders dan remise op grond van een "dode stelling" volgens artikel 9.6:
|
Artikel 9.6: De partij is remise als een stelling is bereikt waarin mat niet mogelijk is door welke reeks reglementaire zetten dan ook, zelfs bij het slechtst mogelijke tegenspel. Dit beëindigt de partij onmiddellijk, mits de zet waardoor deze stelling tot stand kwam reglementair was.
|
Dit artikel (9.6) is dus van toepassing als tijdens de partij (zonder dat er een vlag is gevallen) een
situatie optreedt waarin beide spelers niet meer kunnen matzetten. [ Zie ook de site van Botwinnik
voor meer informatie over dit onderwerp in de artikelenreeks over schaakrecht van Pieter de Groot. ]
Overzicht mogelijke situaties (als Uw vlag valt):
|
situatie |
voorbeelden
|
uitslag |
||||||
|
1 |
Met alleen een loper of een paard kan hij U niet mat zetten; dit weet iedereen die Euwe-deel 1 uit heeft
|
[a]
|
Lc6+ (of Ld5+, enz.)
|
[b]
|
Pc7+ (of Pb6+)
|
remise |
||
|
Géén mat, omdat de zwarte koning het vluchtveld a7 ter beschikking heeft |
||||||||
|
2 |
Anders wordt het als U er nog een loper of paard bij heeft; dat extra stuk kan namelijk het vluchtveld blokkeren
|
[a]
|
[b]
|
[c]
|
[d]
|
verloren |
||
|
Lb7 #
|
Pc7 # |
|||||||
|
Nu is het wel mat; het vluchtveld a7 is bezet
|
||||||||
|
3 |
Gaat dit ook met een dame?
|
[a]
Lc6+ (of Lb5+, enz.)
|
[b]
Pc7+ |
[c]
Pb6+ |
remise |
|||
|
De dame kan er tussen op b7 à géén mat |
De dame kan het paard slaan à géén mat |
|||||||
|
4 |
| |||||||












