De clubkampioen spreekt u toe
De clubkampioen spreekt u toe door Ton de Waal
Voor het eerst (en laatst?) ben ik clubkampioen geworden. Tot mijn eigen verbazing, moet ik bekennen. Voordat de competitie begon had ik helemaal geen rekening met een mogelijk club-kampioenschap gehouden. Eigenlijk twijfelde ik of ik wel mee zou moeten doen aan de competitie. Vooraf dacht ik dat andere activiteiten, zoals mijn verhuizing, het werken aan mijn proefschrift, en mijn werk, zoveel tijd in beslag zouden nemen dat er voor schaken weinig tijd meer zou overblijven. Bovendien had ik, zoals gebruikelijk de laatste jaren, weer eens mijn twijfels of ik dat geschuif met die houten poppetjes wel leuk zou vinden. Uiteindelijk besloot ik toch mee te doen, en maar te kijken of het zou lukken qua tijd en qua belangstelling. Toen ik eenmaal meedeed bleek het met beide aspecten wel mee te vallen.Tijdens het eerste deel van de competitie was er nog geen enkele reden om te veronderstellen dat ik kampioen zou kunnen worden. Eelco Kuipers was oppermachtig en speelde prachtige, creatieve partijen. Het was duidelijk dat hij met overmacht kampioen ging worden. Van mij had hij in ieder geval geen tegenstand te verwachten. Beide partijen die we dit jaar hebben gespeeld heb ik van Eelco verloren. In de finalegroep had mij ongetwijfeld hetzelfde lot te wachten hebben gestaan.Toen ik hoorde dat Eelco niet aan de finalegroep zou meedoen, drong opeens tot me door hoe goed ik er voor stond en begon ik in een mogelijk clubkampioenschap te geloven. In de finalegroep zat eigenlijk alles mee: een makkelijke remise tegen Bernard Bannink werd gevolgd door vier overwinningen. Alleen Harrie Boerkamp wist het me nog moeilijk te maken. Mijn laatste partij tegen Hans Meijer moest worden uitgesteld omdat ik voor mijn werk naar Finland moest. Mijn overgebleven concurrenten (Bernard Bannink en Hans Meijer) besloten toen zichzelf de das om te doen, waardoor mij een nerveuze laatste partij bespaard bleef.In het clubblad hebben tot nu toe haast geen partijen van mij gestaan. Om deze lacune goed te maken heb ik hieronder maar liefst vijf partijen van het afgelopen jaar geselecteerd. De eerste partij, tegen Bernard Bannink, heb ik uitgekozen omdat enerzijds Bernard één van mijn belangrijkste concurrenten is geweest, en dit anderzijds wel een leuke partij om na te spelen is. Na een scherpe opening kreeg ik twee vrijpionnen op de damevleugel. Ondanks scherp tegenspel van Bernard bleken die twee vrijpionnen voldoende voor de winst te zijn.
Bernard Bannink – Ton de Waal
1. d4 Pf6 2. Pf3 c5 3. d5 b5 4. Lg5 g6 Hier wist ik al niet meer wat de theorie zegt. Gebruikelijk blijkt, bijvoorbeeld, iets als 4… d6 5. Lxf6 exf6 6. e4 a6 te zijn. 5. Lxf6 exf6 6. e4 b4 En hier blijkt
6… De7 gebruikelijker te zijn. 7. Pbd2 Lg7 8. Ld3 O-O 9. O-O d6 Ook 9… f5 10. Tb1 fxe4 11. Pxe4 d6 lijkt me wel speelbaar voor zwart. 10. a3 f5 Dit lijkt me in ieder geval voldoende voor gelijk spel. 11. axb4 fxe4 12. Pxe4 cxb4 13. Dd2?! a5 Fritz 7 suggereert 13… f5 14. Peg5 Lxb2 15. Dxb4 Lxa1 16. Dh4 h5 17. Txa1. Ik had dit helemaal niet gezien tijdens de partij. Het lijkt me eigenlijk wel goed, maar toch zou ik het zelf niet snel durven spelen gezien de zwakke zwarte koningsstelling. 14. Df4? Dit pionoffer lijkt me niet goed. Gewoon 14. c3 of 14. Ta2 lijkt me beter. 14… Lxb2 15. Tae1 La6
16. Te3 Lxd3 17. cxd3? Hier snapte ik tijdens de partij niets van, en nu eigenlijk nog steeds niet. Zwart heeft nu ineens twee verbonden vrijpionnen. Dat lijkt me voldoende voor de winst. Beter lijkt me 17. Txd3, een mogelijk vervolg is dan 17. …Pd7 18. Dxd6 Pe5 19. Pxe5 Dxd6 20. Pxd6 Lxe5 waarna zwart weliswaar duidelijk beter staat, maar de strijd nog lang niet is gestreden. 17… Lg7 18. g4 Pd7 19. g5 a4 19… Pb6 om gewoon de pion op d5 te winnen is volgens Fritz 7 nog beter. 20. Pxd6 b3 Makkelijker was hier 20… a3. Oorspronkelijk was ik dat ook van plan, maar op dit moment was ik dat allang weer vergeten en dacht ik dat 20. … b3 gedwongen was. 21. Pd2 b2 22. Tfe1 a3 23. Te8 Men zou kunnen denken dat wit tegenspel heeft, maar de schijn bedriegt. Tijdens de partij zat ik me zelf hier overigens wel allerlei verwijten te maken, want ik was te lui geweest om de gevolgen van deze zet uit te rekenen. Zoals zo vaak had ik op mijn intuïtie vertrouwd Mijn enige gedachte was eigenlijk dat ik na 23. … Dxe8 wel makkelijk zou winnen. Gelukkig bleek mijn intuïtie inderdaad te kloppen.
23. …Dxe8 24. Txe8 Taxe8 25. Dc4 Op 25. Pxe8 speelt zwart 25. … a2!. Na, bijvoorbeeld 26. Pxg7 a1=D+ 27. Kg2 Kxg7 28. Dd4+ Kg8 wint zwart makkelijk. 25… Te1+ 26. Kg2 b1=D 27. Pxb1 Txb1 28. Da2 Ta1 29. Dd2 a2 30. Kh3 Pe5 De stelling is hopeloos voor wit. Na een zet als 31. f4 wint
31. … Pxd3 32. Dxd3 Tg1 gevolgd door 33. … a1:D makkelijk. 31. Da5 Pxd3 32. Da7 Pb4 0-1 Nu pion a2 gedekt staat is er geen verdediging meer tegen het wegspelen van de toren en het halen van een nieuwe dame. Wit gaf daarom op.
De volgende partij tegen Mildo van Staden heb ik gekozen omdat dit waarschijnlijk mijn beste partij van het afgelopen jaar is. Na een ongebruikelijke opening kon ik al vroeg een stuk winnen. Ik besloot echter om op aanval te spelen. Deze aanval bleek vrij snel door te slaan. Met een tijdelijk stukoffer werd de zwarte koning in het vrije veld gedreven.
Ton de Waal – Mildo van Staden
1. e4 e5 2. Lc4 Pf6 3. d4 Pxe4 4. dxe5 c6 5. De2 Da5+ Met mijn vijfde zet verhinderde ik 5. …d5, aangezien daarop nu gewoon 6. ed6: volgt. Het beste was waarschijnlijk 5. …Pc5 waarna wit gewoon verder ontwikkelt met 6. Pf3 en iets beter staat. 6. Pd2 Een moeilijke keus. Met 6. c3 kon ik hier namelijk al een stuk tegen twee pionnen winnen. Toch leek de situatie me dan niet zo duidelijk. Na
6. c3 volgt namelijk 6. …Dxe5 7. f3 d5 8. Lb3 f5 9. fxe4 fxe4. Wit staat inderdaad een stuk tegen twee pionnen voor, maar zwart heeft wel een fraai centrum. 6… Pxd2 7. Lxd2 Lb4 8. c3? Wederom een lastig moment. Voor de hand lag 8. Lxf7+, na 8. … Kxf7 9. Dc4+ Ke8 wint wit zijn stuk weer terug op b4. De positie leek me wederom niet duidelijk. Na 10. Lxb4 Dxe5+ 11. Pe2 d5 12. Dd3 vindt de zwarte koning een redelijk veilig onderkomen op f7 waarna de toren op h8 in het spel gebracht kan worden. Ook na 10… Dxe5+ 11. Le3 d5 12. O-O-O Pa6 13. Dd2 vindt de zwarte koning een redelijk veilig onderkomen op f7. De beste zet was echter 8. O-O-O! na deze zet worden later de lopers van de zwarte velden geruild, waarna met name het veld d6, en in iets mindere mate g5 en f6, in het zwarte kamp zwak zijn. 8… Le7 9. Pf3 O-O 10. Lf4 b5 11. Ld3 b4 12. O-O bxc3 13. bxc3 Pa6 Het aannemen van het pionoffer op c3 had ik niet uitgerekend. Er is geen directe weerlegging, maar na gewoon verder ontwikkelen met bijvoorbeeld 14. Tab1 staat wit erg goed. 14. Lg5 Te8 Toen ik
14. Lg5 speelde dacht ik er over om na 14. …Lxg5 met 15. Lxh7+ verder te gaan. In de paar variantjes die ik had uitgerekend zag het al allemaal wel goed uit. Omdat 15. Pxg5 in ieder geval een goede zet is, besloot ik niet al te veel tijd aan het uitrekenen van de consequenties van 15. Lxh7+ te besteden. Pas als mijn tegenstander op g5 zou slaan, zou ik de andere varianten wel (proberen) uit te rekenen. Met behulp van Fritz 7 heb ik na de partij de zet 15. Lxh7+ onderzocht. De zet blijkt inderdaad sterk te zijn. Mogelijke varianten zijn: 15. … Kxh7 (of 15… Kh8 16. Pxg5 g6 17. Df3 Dxe5 18. Pxf7+ Kxh7 19. Pxe5 Txf3 20. Pxf3 met winnend voordeel) 16. Pxg5+ Kg6 (op 16… Kh6 wint 17. Dd3 Kxg5
18. f4+ Kh6 19. Dh3+ Kg6 20. f5+ Kg5 21. Dg3+ Kh5 22. Tf4 met mat via Th4; en op 16… Kg8 wint eenvoudig 17. Dh5 Td8 18. Dxf7+ Kh8 19. Dh5+ Kg8 20. Dh7+ Kf8 21. Dh8+ Ke7 22. Dxg7+ Ke8 23. Df7 mat) 17. Dd3+ f5 (op 17… Kxg5 krijgen we weer 18. f4+ Kh6 19. Dh3+ Kg6 20. f5+ enzovoorts) 18. Dd6+ Kxg5 19. Dxf8 met groot voordeel voor wit. 15. De4 g6 16. Dh4 Ook 16. Lxe7 Txe7 17. Dh4 Dc5 18. Tfe1 ziet er sterk uit. 16… Lf8 Eigenlijk had ik deze zet helemaal niet gezien, en dacht ik dat 16. … Lxg5 was gedwongen. Dan wint 17. Pg5 h5 18. Pxf7 (of 18. Lc4) makkelijk, op 18. Kxf7 volgt 19. Df6+ Kg8 20. Dxg6 Kf8 21. Df5+ Kg7 22. Dh7+ Kf8 23. Lg6 Dd5 24. Dh8+ Dg8 25. Df6+ en mat. Nu, na 16. … Lf8, moest ik even zoeken naar een sterke zet. Gelukkig kon ik die vinden. 17. Lc4! Dreigt op f7 te slaan, gevolgd door 19. Dxh7+. Het blijkt erg moeilijk om tegen deze dreiging een verdediging te vinden. Op 17… d5 is 18. exd6 sterk, en op 17. …h5 is 18. Df4 sterk, na 18. … d5 volgt dan weer gewoon 19. exd6. 17. … Pc5 18. Lxf7+! De winnende zet. 18. … Kxf7
19. Dxh7+ Lg7 20. Lf6 Pe6 21. Pg5+ Pxg5 22. Dxg7+ Ke6 23. Lxg5 1-0 Wit staat twee pionnen voor. Nog belangrijker is echter dat de witte aanval onweerstaanbaar is.
De onderstaande partij tegen Joost Mostert heb ik gekozen omdat ik dit ook een van mijn betere partijen van het afgelopen jaar vind. Na een onduidelijke opening waarin het waarschijnlijk min of meer gelijk opgaat, grijpt mijn tegenstander in het middenspel mis. Met name de combinatie die op de 25e zet begon deed mij veel plezier.
Ton de Waal – Joost Mostert
1. e4 e5 2. Lc4 Pf6 3. d4 exd4 4. Pf3 Pxe4 Dit had ik eigenlijk niet verwacht. Het is een speelbare zet, maar zelf vind ik het veel te gevaarlijk om zo’n pion te pakken. Wit kan zich nu met tempowinst ontwikkelen. 5. Dxd4 Pf6 6. Lg5 Le7 7. Pc3 Pc6 8. Dh4 d6 9. O-O-O Le6 10. Lb5?! Hier wist ik de theorie niet meer. Volgens de openingsboeken is 10. The1 of 10. Ld3 beter. Na 10. Ld3 is 10. … Dd7 11. Lb5 een gebruikelijk vervolg. 10… O-O 11. Ld3 Na afloop van de partij merkte mijn tegenstander op dat wit nu een tempo heeft verloren ten opzichte van het gebruikelijke 10. Ld3. Toen dacht ik dat hij gelijk had. Bij nader inzien lijkt de zaak me toch niet zo eenvoudig. Na het gebruikelijke 10. Ld3 Dd7 11. Lb5 O-O komt 12. Ld3 niet in aanmerking vanwege het eenvoudige 12. … Lf5. Nu echter moet zwart zijn koningsvleugel verzwakken. 11. … g6 Na 11… h6 had ik zonder nadenken op h6 geslagen. Wit heeft dan in ieder geval eeuwig schaak: 12. Lxh6 gxh6 13. Dxh6 Te8 (op 13… Pe5 is 14. Pxe5 dxe5 15. The1 erg sterk (echter niet 15. Lh7+ vanwege 15. … Pxh7 16. Txd8 Lg5+))
14. Dg5+ Kf8 15. Dh6+. De enige die eventueel zou kunnen proberen om eeuwig schaak te vermijden is wit. Ik moet echter toegeven dat ik eigenlijk niet zou weten hoe wit dan zou moeten doen.12. The1 Te8 13. Kb1 Er is niet zo heel veel aan de hand. Zwart staat een pion voor, maar heeft geen actief plan. Wit heeft al zijn stukken in het spel gebracht en heeft voldoende compensatie. Met zijn volgende zet probeert zwart de druk wat te verlichten. 13. … Pd7 14. Lxe7 Dxe7 15. Pg5 Pf8 Niet 15… h5?? vanwege 16. Lxg6 fxg6 17. Txe6. Ook 15… Pf6 is verdacht, bijvoorbeeld: 16. Lc4 Pe5
17. Lxe6 fxe6 18. f4 Pc4 19. Txe6 met voordeel voor wit. 16. f4 Df6 17. Pce4 Dg7? Dit is fout, waarna wit beter komt te staan. Beter was 17… De7 met als mogelijk vervolg 18. g4 d5 (of 18… Pb4 19. a3 Pxd3 20. Txd3 f5 21. gxf5 Lxf5 22. Tde3 met goed spel voor wit) 19. f5 dxe4 20. fxe6, wederom met goed spel voor wit. Ook na 17… Dd8 geeft 18. g4 wit voldoende kansen. 18. Pxe6! Txe6 Op 18… Pxe6 of 18… fxe6 wint wit een kwaliteit na 19. Pf6+. 19. Lc4 Te7 20. Ld5! De pointe van wits 18-de zet. De dreiging 21. Lxc6 gevolgd door 22. Dxe7 is lastig te pareren. 20. … Te6 Zwart geeft de kwaliteit. Tijdens de partij dacht ik dat dit de enige zet was. Fritz 7 liet echter zien dat zwart nog 20… Kh8!? had kunnen spelen, met het idee 21. Lxc6 f5! 22. Pxd6 Txe1 23. Txe1 cxd6. Een interessant idee hoewel wit na 24. Lf3 duidelijk beter staat. Maar, in ieder geval staat wit dan nog geen materiaal voor. 21. Lxe6 Pxe6 22. f5! Een zet die er altijd makkelijker uitziet in partijen van anderen. Wit breekt de zwarte koningsstelling open. Zwart krijgt hier echter wel een pion voor terug, en heeft inmiddels twee pionnen voor de kwaliteit. 22. … gxf5 23. Pf6+ Kh8 Op 23… Kf8 kan 24. Td3 (of
24. Pxh7+) 24… h6 25. Tg3. 24. Td3 Pe5?! Ook 24… Pe7 bood geen verdediging meer 25. Th3 h6
26. Txe6! fxe6 27. Tg3 Df8 28. Pd7. Ten slotte, 24… Pf4 is ook niet alles: 25. Tg3 Pg6 26. Dg5 f4
27. Th3 Pf8 28. Dxf4 met groot voordeel voor wit. 25. Txe5! De beslissende combinatie. 25. … dxe5 26. Tg3 Pg5 Wanhoop, maar er was geen verdediging meer. Op 26… Td8 had ik in eerste instantie
27. a3 Td4 28. Txg7! Kxg7 (op 28… Txh4 volgt 29. Tg8 mat) 29. Ph5+ Kg6 30. Df6+ Kxh5 31. Dxf7+ Kg4 32. Dxe6 met winnend voordeel voor wit berekend. Pas later ontdenkt ik dat 27. c3 nog makkelijker wint. 27. Txg5 Dxf6 28. Tg8+! Kxg8 29. Dxf6 Wit staat een dame tegen een toren voor. De rest is makkelijk. Wit moet alleen even oppassen dat zwart niet opeens een vesting kan bouwen. Met zoveel pionnen op het bord die nog niet zijn vastgelegd heeft het bouwen van zo’n vesting echter weinig kans van slagen. 29. … Te8 30. Dxf5 Te6 31. De4 c6 32. a4 b6 33. b4 h6 34. Kb2 Kf8 35. b5 cxb5 36. axb5 Kg7 37. Kc3 Te7 38. Kd3 Te6 39. Db7 Kg6 40. Dxa7 f5 41. Dd7 Kf6 42. c4 e4+
43. Ke3 Te7 44. Dd4+ Kg5 45. h4+ 1-0
Helaas winnen mijn tegenstanders ook wel eens een partij. Zoals reeds gezegd, heeft Eelco Kuipers tweemaal van mij gewonnen. Die partijen waren niet zo interessant aangezien ik mezelf op vrij knullige wijze de das omdeed. Zo gaan die dingen vaak: hoe sterker de tegenstander, hoe knulliger je verliest. Een interessantere verliespartij was die tegen Harrie Boerkamp. Harrie is een veel sterkere speler dan hij zelf denkt. Als hij met zwart een beter repertoire tegen 1. d4 zou hebben en positionele schuifstellingen tegen de grote positionele schuivers zou weten te vermijden, zou hij zondermeer een kandidaat voor het clubkampioenschap zijn. Ikzelf heb altijd heel veel moeite tegen Harrie. Ook mijn tweede partij van de afgelopen competitie tegen Harrie had ik eigenlijk moeten verliezen, maar hij was zo vriendelijk om mij met remise te laten ontsnappen. Nog nooit heb ik goede partij tegen hem gespeeld. Iedere keer vond Harrie wel weer een tactische zet om mijn stelling in een puinhoop te veranderen. Zo ook in de onderstaande partij. Harrie’s 33e zet vind ik echt briljant.
Ton de Waal – Harrie Boerkamp
1. e4 e5 2. Lc4 Pf6 3. d4 exd4 4. Pf3 Pc6 5. e5 d5 6. Lb5 Pe4 7. Pxd4 Lc5 8. Le3 Ld7 9. Lxc6 bxc6 10. Pd2 Pxd2 11. Dxd2 Lb6 12. Pb3 De7 13. Dc3 O-O 14. Lc5?! Achteraf bleek dit een ongebruikelijke zet te zijn in deze stelling. Dh4 15. O-O Tfe8 16. Tae1?! Sterker lijkt me 16. f4.
16… Dc4! 17. Te3 a5?! Beter lijkt me 17… Dxc3 18. bxc3 Lf5, met voordeel voor zwart. 18. Ld4 Nu gaat het weer voor wit. 18. … Dxc3 19. Txc3 a4 20. Pc5 Lf5 21. Td1 La5 Deze zet had ik helemaal niet aan zien komen. Ik mag van geluk spreken, want op de vorige zet heb ik nog zitten twijfelen over 21. Td1 of 21. Te1. Als ik de laatste zet had gedaan, had ik het nu wel op kunnen geven. Nu blijkt ik tegenspel te hebben. 22. Tg3!? Lxc2 23. e6 Lg6 Beter is 23… g6, nu krijgt wit goede kansen. Een blunder zou 23… Lxd1?? zijn geweest wegens 24. Txg7+ Kf8 25. Txf7+ Kg8 26. Tg7+ Kf8 (of
26… Kh8 27. Tg5 mat) 27. Pd7 mat. 24. exf7+ Kxf7 25. Pd7 Misschien is 25. h4 sterker. Een mogelijk vervolg is 25. … Te7 26. h5 (of 26. Pxa4 Lb6 27. Pxb6 cxb6 met gelijk spel) 26… Lxh5 27. Txg7+ Kf8 28. Txe7 Kxe7 29. f3 met onduidelijk spel. 25… Te6 26. f4 Na 26. Pe5+ Kg8 27. Pxg6 hxg6 heeft zwart een miniem plusje. 26… Te1+ 27. Txe1 Lxe1 28. Pe5+ Ook goed is 28. Tg4 Ke6 29. Pc5+ Kd6 (na 29… Ke7 30. f5 Lxf5 31. Txg7+ Kf8 32. Txc7 staat wit zelfs iets beter) 30. Pb7+ Ke6 31. Pc5+ 28… Kg8 29. Te3?! Beter is 29. Tf3 Le4 30. Tf1 met onduidelijk spel, maar ik dacht dat ik iets leuks had gezien. 29… Ld2 30. Te2?! Alsnog 30. Tf3 was beter. 30… Lxf4 31. Pxg6 hxg6 32. Te7 Dit was mijn bedoeling toen ik 29. Te3 speelde. Zwart staat twee pionnen voor, maar ik zag niet hoe zwart de pion op g7 zou moeten dekken. Als die pion valt, heeft wit genoeg tegenspel door zijn actieve stukkenspel. Ik verwachte hier het passieve 29. … Lh6, waarna wit na 33. Txc7 goed staat.
32.… Kf8! De eerste onverwachte zet. Na 33. Txg7 wint zwart door middel van 33. … Le3+!. 33. Td7 Hier was ik nog steeds hoopvol gestemd. Ik was 34. Kf1 (om niet door een schaakje op e3 lastig te worden gevallen), gevolgd door 35. Txg7 van plan. Wat zou zwart hiertegen moeten doen? Zijn twee pionnen op de koningsvleugel zijn zwak, en zijn pionnen op de damevleugel kunnen zich niet bewegen. Ik verwachtte hier iets als 33. … a3 waarop ik gewoon 34. b3 speel. Met zijn volgende zet openbaart mijn tegenstander echter zijn perfide geest. 33. … Ld6!! Een briljante zet. Hier wilde ik al op g7 slaan toen ik het snode plan van mijn tegenstander doorzag. Vervolgens slaagde ik er slechts met de grootst mogelijke moeite in om op mijn stoel te blijven zitten. Op 34. Txg7 zet mijn tegenstander gewoon zijn bloedeigen stuk op een ongedekt veld waar ik hem met schaak mag slaan: 34. … Lc5!. Nu, na 33 … Ld6!!, kan wit het opgeven. Niet alleen kan ik niet meer op g7 slaan, maar plotseling kan zwart ook zijn pionnen op de damevleugel in beweging zetten. In één zet is mijn stelling waar ik nog wel vertrouwen in had omgetoverd tot een troosteloze puinhoop. Mijn volgende zetten waren nutteloos, maar ik moest even bijkomen van de klap. 34. Kf1 c5 35. Le3 Te8 36. Lf2 Kg8 37. Lg3 Lxg3 38. hxg3 c6 39. Td6 Tf8+ 40. Ke2 Tb8 41. Txc6 Txb2+ 42. Kf3 c4 43. Tc5 Td2 44. Ke3 Td3+ 45. Ke2 Kf7 46. Ta5 a3 47. g4 Kf6 48. Ta7 Tg3 0-1
Veel van mijn partijen van de afgelopen competitie werden gekenmerkt door strijd. Het beste voorbeeld is de verschrikkelijke strijd tegen Rudi Matai. Na de opening heb ik groot voordeel dat ik helemaal weggeef. Daarna is de zaak onduidelijk. Langzamerhand verkrijg ik toch weer groot voordeel. Na een misgreep mijnerzijds slaat mijn tegenstander met een kwaliteitsoffer toe. Daarna werd de stelling zo scherp en onbegrijpelijk, en waren we inmiddels beiden zo uitgeput, dat we eigenlijk niets meer van de stelling begrepen. Mijn tegenstander kon remise afdwingen, maar deed dat niet. Ik kon remise afdwingen, maar deed dat niet. Mijn tegenstander kon winnen, maar deed dat niet. Op het slot kon ik weer winnen, en deed dat uiteindelijk wel. Een heroïsche gevecht waar Homerus een heldendicht over zou hebben geschreven. Laurel en Hardy zouden er echter een slapstick over hebben gemaakt.
Rudi Matai – Ton de Waal
1. e4 c5 2. Pc3 e6 3. Pf3 Pc6 4. b3?! Ongebruikelijk in deze stelling. 4. … g6 5. Lb2 Lg7 6. Le2 Tamelijk passief. Zwart krijgt nu snel een goede stelling. 6. … Pge7 7. d3 O-O 8. O-O b5 9. Dd2 d6 10. Pd1 e5 11. Pe3 f5 12. exf5 gxf5 Meteen nadat ik deze zet gedaan had zag ik dat ik ook 12… e4 had kunnen doen. Tijdens de partij dacht ik dat dit sterk zou zijn geweest. Na afloop bleek het wel mee te vallen, het spel kan als volgt verder gaan: 13. Lxg7 (sterker dan 13. f6?! Lxf6 14. Lxf6 exf3 15. Lxe7 Dxe7 16. Lxf3 Txf3 17. gxf3 Pd4 waarna zwart gevaarlijke dreigingen heeft) 13… exf3 14. Lxf8 fxe2 15. Dxe2 Dxf8 16. fxg6 Pxg6 met onduidelijk spel. 13. Kh1 d5 Zwart staat iets beter. 14. Pg1 Lh6
15. De1 d4 16. Pd1 e4? Na wits 14-de en 15-de zet stond zwart inmiddels duidelijk beter. Hier begin ik echter te knoeien en mis ik het zeer sterke 16… Pb4!. Na 17. Lf3 (beter is 17. Lh5 e4! (sterker dan 17… Pxc2 18. Dxe5 Pxa1 19. Lf3 Lg7 20. Dxc5 Pxb3 21. axb3 Tb8 met slechts een klein plusje voor zwart) 18. De2 Ped5 met duidelijk voordeel voor zwart) 17… e4 18. dxe4 Pxc2 19. De2 tot zover had ik het nog gezien. Het enige wat ik vervolgens zag voor zwart was 19. … Pxa1 20. exf5 Tb8 21. Lxa1, wat me niet helemaal duidelijk leek. Bij nader inzien klopt dit oordeel niet, zwart staat namelijk totaal gewonnen. Maar, nog veel makkelijk zou 19. … d3 hebben gewonnen, waarna de witte dame geen velden meer heeft. Ik dacht dat 16. … e4 nog eenvoudiger was, maar ik overzag helemaal wits 18-de zet. 17. dxe4 fxe4? Alle goede geesten hadden mij hier verlaten. Nog steeds zag ik wits volgende zet niet. Veel sterker zou 17… Pb4 18. Ld3 Pg6 19. exf5 Pxd3 20. cxd3 Lxf5 met duidelijk voordeel voor zwart zijn geweest. 18. Lxb5 Tja, ik had dus helemaal niet gezien dat wit deze pion gewoon kon slaan. In plaats van duidelijk betere stelling voor zwart is nu ineens een volkomen onduidelijke stelling op het bord verschenen. 18. … Lf5 19. Lc4+ Kh8 20. Pe3 Lg6 21. f3 Lg7 22. Pg4 Hier kon wit 22. fxe4 dxe3 23. Lxg7+ Kxg7 24. Txf8 Dxf8 25. Dxe3 met onduidelijke stelling spelen. Dit variantje laat zien hoe ingewikkeld de stelling na 18. Lxb5 ineens is geworden. 22… e3 Volgens Fritz 7 staat zwart nu weer beter. Ook over 22… Pb4 is Fritz 7 enthousiast. 23. h4 Deze verzwakking van de koningsvleugel lijkt me niet goed. Tijdens de partij was ik een beetje bang voor 23. Pxe3 dxe3 24. Lxg7+ Kxg7 25. Dxe3. Dat was niet terecht, na 25. … Dd4 staat zwart gewoon duidelijk beter. 23… Pf5 24. Pe2 Pb4 25. Ld3 Pxh4 Veel makkelijker was 25… Dxh4+ 26. Dxh4 Pxh4. Het staat materieel gezien gelijk, maar positioneel heeft zwart groot voordeel. Ik wilde echter in de aanval winnen. 26. Lxg6 Pxg6 27. Dd1 h5? Een verzwakking van de zwarte koningsstelling waar ik later nog spijt van zal krijgen. 28. Ph2 Le5?! Veiliger was 28… Pf4 met duidelijk voordeel voor zwart. 29. f4! Wit grijpt zijn enige kans. Het zwarte voordeel verdwijnt nu als sneeuw voor de zon. 29. … Lxf4 Na 29… Lg7
30. Pxd4! Lxd4 31. Lxd4+ Dxd4 32. Dxh5+ Kg7 33. f5 Pe5 34. Tad1 e2 35. Dg5+ Kf7 36. Dh5+ Kg8 (36… Ke7?? 37. Dxe2 met groot voordeel voor wit) 37. Dg5+ Kf7 38. Dh5+ kan wit in ieder geval eeuwig schaak houden. Hier rekende ik een fraaie, scherpe en diepe, maar helaas incorrecte, variant uit om op winst te kunnen blijven spelen. 30. Pxf4 Pxf4 31. Txf4! Wederom wit’s enige kans. 31.… Txf4 32. Dxh5+ Kg7 33. Dxc5 Pa6?! De variant die ik bij mijn 29-de zet had berekend ging verder met 33… Th4!?! 34. Dxb4 Txh2+! 35. Kxh2 (of 35. Kg1 Th1+! 36. Kxh1 Dh4+ 37. Kg1 Df2+ 38. Kh1 Th8 mat) 35… Dh4+ 36. Kg1 Df2+ 37. Kh1 Th8 mat. Helaas, kan wit zich verdedigen door zijn koningsvleugel te "verzwakken", na 34. g3! Te4 35. Dxb4 heeft wit groot voordeel. In plaats van
33. … Pa6?! of 33. … Th4?! suggereerde Fritz 7 het veel sterkere 33. … Tc8!. Na 34. Dxb4 Txc2 staat zwart (waarschijnlijk) beter. Een fraaie variant is 35. Tb1?! (beter is 35. La3) Dd5 36. Lxd4 Kf7
37. Tg1 Txg2 38. Txg2 Txd4 met de vreselijke dreiging 39. … Td1+. 34. Dc4 Dd6 35. Td1 Td8
36. Pf3 Txf3?? Een blunder. Beter was hier 36… Th8+ 37. Kg1 (zeker geen 37. Ph2?? vanwege Tf1+ 38. Txf1 Dxh2 mat) 37. … Txf3 38. Lxd4+! (veel beter dan 38. gxf3?? Dg3+ 39. Kf1 Df2 mat, en ook beter dan 38. Dxd4+ Dxd4 39. Lxd4+ Tf6 met goede stelling voor zwart, een fraai mogelijk vervolg is: 40. Lxf6+ Kxf6 41. Td6+ Ke5 42. Txa6 Th1+! 43. Kxh1 e2 en zwart haalt een nieuwe dame)
38. … Kh7 39. Dd3+ Kg8 40. Lxh8 Dxd3 41. Txd3 e2 42. Lc3 Tf1+ 43. Kh2 Tc1 met voordeel voor wit, maar de pion op e2 geeft zwart tegenkansen. 37. Lxd4+? Dit ziet er vanzelfsprekend uit. Het was dan ook de enige zet die ik verwachtte. Echter, 37. Txd4! wint onmiddellijk. Zwart is hulpeloos tegen het dreigend aftrekschaakje. 37… Tf6 38. Lxf6+ Dxf6 39. Txd8 Dxd8 40. Dxa6 Hier kon wit eeuwig schaak houden met 40. Dg4+ Kf8 41. Df5+ Kg7 42. Dg4+ enzovoorts. Zelf was ik bang voor
40. Dc3+ Df6 41. Dxe3 waarna mijns inziens alleen wit winstkansen heeft. 40… Dh4+ Nu dacht ik weer goede winstkansen te hebben vanwege mijn vrijpion op e3. Fritz 7 geeft echter na twee seconden nadenken aan dat de stelling volkomen gelijk is aangezien zwart eeuwig schaak niet kan ontlopen. Gelukkig hoef ik echter niet tegen Fritz 7 te spelen, maar tegen een menselijke tegenstander die net als ik moe is en het ook allemaal niet meer zo helder ziet. 41. Kg1 Df2+ 42. Kh2 e2 43. Db7+ Kf6
44. Dc6+ Kg5 45. Dd5+ Df5 46. Dd8+ Met mijn 45-de zet probeerde ik wit te verleiden tot
46. Dd2+?? Df4+ 47. Dxf4+ Kxf4 met winst voor zwart. 46… Kg4?? In de hoop op 47. Dd4??+ Df4+. De zet is echter een grote blunder, want wit speelt geeft natuurlijk een ander schaakje. De enige zet was 46… Df6, waarna wit eeuwig schaak kan houden. 47. Dg8+ Dg5 Ook andere zetten waren 47… Kh4 48. g3+ Kh5 49. De8+ Kg5 50. Dxe2. In alle gevallen staat wit totaal gewonnen. 48. Dc8+?? Ook wit blundert! Na 48. De6+ Kf4 49. Dxe2 kan zwart opgeven. Nu staat wit echter verloren.
48… Kf4 49. Dc4+ Ook 49. Df8+ redt de zaak niet meer. Er kan dan volgen: 49. … Ke3 50. Df3+ Kd2 51. Dd3+ Ke1 52. Dd4 Dh6+ 53. Kg3 Dg6+ 54. Kh2 Db6 55. Dd3 Dh6+ 56. Kg3 Dd2 57. Df3 Kd1 58. c4 Kc1 met winst voor zwart. 49… Ke3 50. Dc3+ Kf2 51. Dd4+ De3 52. Dh4+ Kf1 53. Df6+ Ke1 53… Df2 was iets eenvoudiger, maar de gespeelde zet wint ook. 54. Da1+ Kd2 55. Db2 Df4+ 56. Kh3 e1=D 57. c4+ Ke3 0-1
